Archief 745
Inventaris 745-413
Pagina 300
Dossier 24
Jaar 1943
Stadsarchief

Handgeschreven dienstrapport van een marktinspecteur.

21 augustus 1943.

Origineel

Handgeschreven dienstrapport van een marktinspecteur. 21 augustus 1943. No. 46c/50/1 M 1943 1/5
Rapport ($\pm$ 12.45)

Op Zaterdag 21 Aug.: 1943 kwam
op het Marktkantoor "Alb. Cuijp"
Pieter Jan de Kort geb.: 29.7.1877
opgeven, dat hij 50 kg schol vd
vismarkt had toegewezen gekregen.
Ik had om 12.- uur de laatste kar
reeds verkocht en op mijn vraag waar
hij zoolang gebleven was, bleek mij
dat hij naar de Jordaan was gereden
om zijn kinderen en de politie van
de Raampoort visch te brengen.
Toen ik dan ook achter de vinkkoois
de hoeveelheid visch zag, merkte ik met
een oogopslag het tekort. Bij contrôle
bleek mij dat de Kort 53 pond van
de 100 pond aanvoerde.

Aan den Heer Amsterdam
Inspecteur 21 Aug. 1943
[Signatuur: R.J. Reisma]

[Aantekeningen onderaan:]
46c/50/a Kort
46c/50/1 BW en
voorloopig schorsen voorstel
4 maanden uitsluiting
wat mij volgens afslagbriefje + kwitantie
juist bleek. D. Het document is een zakelijk verslag van een geconstateerde onregelmatigheid in de visdistributie tijdens de bezettingsjaren. Vishandelaar Pieter Jan de Kort had op de centrale vismarkt 100 pond (50 kg) schol toegewezen gekregen voor de verkoop. Wanneer hij zich bij het marktkantoor aan de Albert Cuypstraat meldt, constateert de inspecteur echter dat bijna de helft van de partij ontbreekt; er is nog maar 53 pond over.

De Kort is opvallend eerlijk over de reden: hij heeft de ontbrekende vis naar zijn kinderen in de Jordaan gebracht en een deel aan de politie van bureau Raampoort gegeven. In de context van de tijd werd dit gezien als een ernstige overtreding van de distributiewetten. De strafmaat die onderaan het document wordt voorgesteld is dan ook fors: een uitsluiting van de markt voor de duur van vier maanden. De inspecteur merkt op dat het tekort direct zichtbaar was ("met een oogopslag") en bevestigd werd door de officiële papieren (afslagbriefje en kwitantie). Dit rapport biedt een inkijkje in de dagelijkse realiteit van Amsterdam in 1943, het dieptepunt van de Tweede Wereldoorlog. Voedsel was schaars en de handel stond onder streng toezicht van de bezetter en lokale controle-instanties.

  1. Voedselschaarste: Elke gram voedsel die buiten de officiële kanalen (de bonnen en toewijzingen) om werd verhandeld of weggegeven, werd beschouwd als 'zwarte handel'.
  2. De Jordaan & Raampoort: De Jordaan was in die tijd een arme volksbuurt waar de nood hoog was. Dat De Kort vis naar de politie van de Raampoort bracht, suggereert een vorm van informele ruilhandel of 'vriendendiensten' om de autoriteiten gunstig te stemmen, wat in dit geval echter averechts werkte bij de marktinspectie.
  3. Bureaucratie: Het document toont de nauwgezette administratie rondom de Amsterdamse markten (zoals de Albert Cuyp), waarbij elke toewijzing gecontroleerd werd om te voorkomen dat goederen naar de zwarte markt weglekten.

Samenvatting

Het document is een zakelijk verslag van een geconstateerde onregelmatigheid in de visdistributie tijdens de bezettingsjaren. Vishandelaar Pieter Jan de Kort had op de centrale vismarkt 100 pond (50 kg) schol toegewezen gekregen voor de verkoop. Wanneer hij zich bij het marktkantoor aan de Albert Cuypstraat meldt, constateert de inspecteur echter dat bijna de helft van de partij ontbreekt; er is nog maar 53 pond over.

De Kort is opvallend eerlijk over de reden: hij heeft de ontbrekende vis naar zijn kinderen in de Jordaan gebracht en een deel aan de politie van bureau Raampoort gegeven. In de context van de tijd werd dit gezien als een ernstige overtreding van de distributiewetten. De strafmaat die onderaan het document wordt voorgesteld is dan ook fors: een uitsluiting van de markt voor de duur van vier maanden. De inspecteur merkt op dat het tekort direct zichtbaar was ("met een oogopslag") en bevestigd werd door de officiële papieren (afslagbriefje en kwitantie).

Historische Context

Dit rapport biedt een inkijkje in de dagelijkse realiteit van Amsterdam in 1943, het dieptepunt van de Tweede Wereldoorlog. Voedsel was schaars en de handel stond onder streng toezicht van de bezetter en lokale controle-instanties.

  1. Voedselschaarste: Elke gram voedsel die buiten de officiële kanalen (de bonnen en toewijzingen) om werd verhandeld of weggegeven, werd beschouwd als 'zwarte handel'.
  2. De Jordaan & Raampoort: De Jordaan was in die tijd een arme volksbuurt waar de nood hoog was. Dat De Kort vis naar de politie van de Raampoort bracht, suggereert een vorm van informele ruilhandel of 'vriendendiensten' om de autoriteiten gunstig te stemmen, wat in dit geval echter averechts werkte bij de marktinspectie.
  3. Bureaucratie: Het document toont de nauwgezette administratie rondom de Amsterdamse markten (zoals de Albert Cuyp), waarbij elke toewijzing gecontroleerd werd om te voorkomen dat goederen naar de zwarte markt weglekten.

Locaties

Amsterdam (Marktkantoor Albert Cuyp).

Kooplieden in dit dossier 4

Hors Makreel
Hors Makreel
Hors Makreel
[?] Dekker 2.515

Gerelateerde Documenten 5