Archief 745
Inventaris 745-413
Pagina 417
Dossier 17
Jaar 1943
Stadsarchief

Extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam.

Donderdag, 30 december 1943.

Origineel

Extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam. Donderdag, 30 december 1943. [Stempel linksboven:] Nº 46c/68/1 d M. 1943 17/7
[Handgeschreven rechtsboven:] Marktw 72

No. 55/31 L.M.1943. [Rechts:] Uitsluiting van de visch-
verdeeling.

[Handgeschreven aantekening in rood/blauw:] 17-1-44 Div [?] def [?]

E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten
van den Burgemeester van Amsterdam
Donderdag, 30 December 1943.

Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit genomen:
De Burgemeester van Amsterdam,
Gelet op de bepalingen van de Achtste Verordening van den Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandsche gebied betreffende bijzondere maatregelen op administratiefrechtelijk gebied (Verordeningenblad voor het bezette Nederlandsche gebied, Stuk 33, No. 152 Gemeenteblad 1941, afdeeling 4, volgno. 517);
Gezien het rapport van den Directeur van den Dienst van het Marktwezen dd. 23 December 1943 No. 46c/68/1b M;

B e s l u i t :

den vischhandelaar K. Jansen, die zich aan een overtreding van het Zeventiende Uitvoeringsbesluit van het Visscherijbesluit-1941 heeft schuldig gemaakt, doordat hij op 7 December 1943 van zijn toewijzing van 90 pond visch slechts 66 pond op zijn verkoopplaats op de Noordermarkt heeft aangevoerd, gerekend te zijn ingegaan 23 December 1943 voor den tijd van vier maanden van de verdeeling van visch aan den afslag uit te sluiten, derhalve tot en met 22 April 1944.

Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeeling Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (3 stuks).

H
S

Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,

(get.) J. F. FRANKEN

[Handgeschreven handtekening onderaan:] Jan [?] v [?] Dit document betreft een administratieve strafmaatregel tegen de visboer K. Jansen tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De essentie van de overtreding is een tekort in de aanvoer op de markt: Jansen had recht op een toewijzing van 90 pond vis, maar bracht slechts 66 pond naar zijn standplaats op de Noordermarkt in Amsterdam.

Het verschil van 24 pond werd waarschijnlijk beschouwd als een onttrekking aan de officiële distributieketen (vermoedelijk voor de zwarte handel). Als straf werd de handelaar voor vier maanden volledig uitgesloten van de visafslag en de officiële visverdeling. Dit was een zware sanctie, omdat het de handelaar gedurende die periode onmogelijk maakte om legaal zijn beroep uit te oefenen. Het document dateert van eind 1943, een periode waarin de voedselschaarste in bezet Nederland toenam en de distributieregels (rantsoenering) uiterst streng werden gehandhaafd. De juridische basis voor het besluit is de "Achtste Verordening van de Rijkscommissaris" (Seyss-Inquart).

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de burgemeester van Amsterdam (destijds de pro-Duitse Edward Voûte) direct verantwoording verschuldigd aan de bezetter. Het Marktwezen en de afdeling Levensmiddelen hielden scherp toezicht op handelaren om te voorkomen dat schaarse goederen op de zwarte markt belandden. De spelling (met 'ch' zoals in 'visch' en 'Nederlandsche') is conform de toenmalige spelling-Marchant, die kort na de oorlog zou worden herzien.

Samenvatting

Dit document betreft een administratieve strafmaatregel tegen de visboer K. Jansen tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De essentie van de overtreding is een tekort in de aanvoer op de markt: Jansen had recht op een toewijzing van 90 pond vis, maar bracht slechts 66 pond naar zijn standplaats op de Noordermarkt in Amsterdam.

Het verschil van 24 pond werd waarschijnlijk beschouwd als een onttrekking aan de officiële distributieketen (vermoedelijk voor de zwarte handel). Als straf werd de handelaar voor vier maanden volledig uitgesloten van de visafslag en de officiële visverdeling. Dit was een zware sanctie, omdat het de handelaar gedurende die periode onmogelijk maakte om legaal zijn beroep uit te oefenen.

Historische Context

Het document dateert van eind 1943, een periode waarin de voedselschaarste in bezet Nederland toenam en de distributieregels (rantsoenering) uiterst streng werden gehandhaafd. De juridische basis voor het besluit is de "Achtste Verordening van de Rijkscommissaris" (Seyss-Inquart).

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de burgemeester van Amsterdam (destijds de pro-Duitse Edward Voûte) direct verantwoording verschuldigd aan de bezetter. Het Marktwezen en de afdeling Levensmiddelen hielden scherp toezicht op handelaren om te voorkomen dat schaarse goederen op de zwarte markt belandden. De spelling (met 'ch' zoals in 'visch' en 'Nederlandsche') is conform de toenmalige spelling-Marchant, die kort na de oorlog zou worden herzien.

Locaties

Amsterdam (Noordermarkt).

Kooplieden in dit dossier 4

Hors Makreel
Hors Makreel
Hors Makreel
[?] Dekker 2.515

Gerelateerde Documenten 5