Ambtsbrief / Rapportage voedselvoorziening.
Origineel
Ambtsbrief / Rapportage voedselvoorziening. 9 augustus 1944. De waarnemend Directeur (waarschijnlijk van de Dienst der Voedselvoorziening of een aanverwant bureau). De Heer Burgemeester van Amsterdam (destijds Edward Voûte). [Handgeschreven, linksboven:]
W.l.m
2A/I/43M. Verzonden 9/8 AND
[Rechtsboven:]
9 Augustus 1944 RP.
Aan den Heer Burgemeester
van Amsterdam,
Raadhuis,
A l h i e r.
Naar aanleiding van den brief van Uw Secre-
taris d.d. 2 April 1942 (no.P.S.B.) en ten ver-
volge op mijn brief d.d. 2 Augustus 1944 (no.2a/
1/41 M.) heb ik de eer U onderstaand opgave te
doen toekomen van den aardappelvoorraad te Amster-
dam op 29 Juli 1944; de aflevering aan kleinhan-
del en instellingen in deze week en de boekvoor-
raad op 5 Augustus 1944.
De Directeur,
wnd.
V.B.H.A.
Voorraad op 29 Juli 1944: 2.200 Hl.
Aanvoer week 31/7-8/8'44: 31.682 Hl.
----------
33.882 Hl.
Aflevering week 31/7 - 5/8'44: 30.905 Hl.
----------
Voorraad op 5 Augustus 1944 des
avonds 2.977 Hl.
Gemeente (opgeslagen in koelhuis).
Voorraad 5 Augustus 1944: 5.200 Hl.
----------
T o t a a l : 8.177 Hl. Dit document is een kwantitatieve rapportage over de aardappelpositie van de gemeente Amsterdam in de zomer van 1944. Het geeft een nauwkeurig beeld van de logistieke stroom: de beginvoorraad, de nieuwe aanvoer in die week, de distributie naar de detailhandel ('kleinhandel') en instellingen (zoals ziekenhuizen of gaarkeukens), en de resterende voorraad.
Opvallend is het onderscheid tussen de voorraad van het V.B.H.A. (vermoedelijk het Verkoopbureau voor de Handel in Aardappelen) en de gemeentelijke noodvoorraad die in koelhuizen lag opgeslagen. De eenheid is uitgedrukt in Hl. (hectoliter), wat voor aardappelen een gebruikelijke volumemaat was (ongeveer gelijk aan 70 kg, afhankelijk van de soort). Het document dateert van augustus 1944, een kritieke fase in de Tweede Wereldoorlog. De geallieerden waren na D-Day (juni 1944) bezig met hun opmars door Frankrijk richting de Lage Landen. In Nederland nam de spanning toe, wat uiteindelijk zou leiden tot 'Dolle Dinsdag' in september 1944.
Gedurende de bezetting was de voedselvoorziening een bron van constante zorg voor het stadsbestuur. De distributie werd strak gereguleerd via bonkaarten. De aardappel was het volksvoedsel bij uitstek. Dat er op dit moment nog een totale voorraad van ruim 8.000 Hl was, lijkt substantieel, maar afgezet tegen een bevolking van bijna 800.000 Amsterdammers was dit een zeer krappe marge (ongeveer 1 liter aardappelen per inwoner).
Deze rapportage vormt de stilte voor de storm: kort hierna, in de herfst van 1944, zou de beruchte Hongerwinter aanbreken als gevolg van de spoorwegstaking en de Duitse blokkades, waardoor de voedselvoorraad in de steden van West-Nederland vrijwel volledig uitgeput raakte.