Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen. 5 juli 1944. De Directeur (vermoedelijk van het Bureau Voedselvoorziening te Amsterdam). De Burgemeester van Amsterdam (destijds Edward Voûte). [Linksboven, getypt:]
2a/1/36M.
[Middenboven, handgeschreven:]
WEM
Av.D
Verzonden 5/7
[Rechtsboven, getypt:]
5.Juli 1944.
[Adres, getypt:]
Den Heer Burgemeester
van Amsterdam,
Raadhuis,
A l h i e r.
===========
[Body tekst:]
Naar aanleiding van den brief van
Uw Secretaris d.d. 2 April 1942 (no.P.S.B.)
en ten vervolge op mijn brief d.d. 27 Juni
1944 (no.2a/1/35M.) heb ik de eer U onder-
staand opgave te doen toekomen van den
aardappelvoorraad te Amsterdam op 24 Juni
1944; de aflevering aan kleinhandel en in-
stellingen in deze week en de boekvoorraad
op 1 Juli 1944.
De Directeur,
[Tabel met cijfers:]
Voorraad op 24 Juni 1944: 37.393 hl
Aanvoer week 26/6 - 1/7'44: 18.849 hl
---------
56.242 hl
Aflevering week 26/6 - 1/7'44: 35.228 hl
Voorraad op 1 Juli 1944 des
avonds: 21.014 hl
========= Dit document is een administratieve verantwoording van de primaire voedselvoorraad (aardappelen) in Amsterdam tijdens de laatste fase van de Tweede Wereldoorlog. De cijfers laten een zorgwekkende trend zien: in één week tijd is de voorraad bijna gehalveerd (van ruim 37.000 hl naar 21.000 hl). De aflevering (consumptie door kleinhandel en instellingen zoals ziekenhuizen) was in die week bijna twee keer zo hoog als de nieuwe aanvoer (35.228 hl aflevering tegenover 18.849 hl aanvoer).
De handgeschreven aantekeningen "Verzonden 5/7" en de initialen wijzen op een strakke ambtelijke procedure voor verzending en archivering. Het gebruik van "hl" (hectoliter) was de standaardmaatstaf voor droge waren zoals aardappelen in die tijd. De datum van de brief, 5 juli 1944, valt in een kritieke periode. Het is een maand na D-Day (de geallieerde landing in Normandië) en de spanningen in bezet Nederland namen toe. De voedselvoorziening in de grote steden werd steeds problematischer door logistieke verstoringen en vorderingen door de bezetter.
Hoewel de beruchte 'Hongerwinter' pas eind 1944 begon, laat dit document zien dat de autoriteiten in de zomer van 1944 de voorraden al nauwgezet (op de liter nauwkeurig) moesten monitoren. De geadresseerde, de burgemeester, was verantwoordelijk voor de openbare orde en de distributie van schaarse goederen onder de burgerbevolking. Rapporten als deze waren essentieel om te bepalen of de rantsoenen voor de komende weken naar beneden moesten worden bijgesteld.