Dienstbrief / Rapportage
Origineel
Dienstbrief / Rapportage 22 maart 1944 De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Dienst voor de Voedselvoorziening) Den Heer Burgemeester van Amsterdam (Edward Voûte) 2a/1/19M. 22 Maart 1944 SV.
Den Heer Burgemeester
van Amsterdam,
Raadhuis,
A l h i e r.
Naar aanleiding van den brief van
Uw Secretaris d.d. 2 April 1942 (no.P.S.B.)
en ten vervolge op mijn brief d.d.18 Maart
1944 (no.2a/1/16M.) heb ik de eer U onder-
staand opgave te doen toekomen van den aard-
appelvoorraad te Amsterdam op 11 Maart 1944;
de aflevering aan kleinhandel en instellingen
in deze week en de boekvoorraad op 18 Maart
1944.
De Directeur,
Voorraad op 11 Maart 1944: 360.814 hl
Aanvoer week 13/3 - 18/3'44: 23.171 hl
383.985 hl
Aflevering week 13/3 - 18/3'44: 65.114 hl
Voorraad op 18 Maart 1944 des
avonds: 318.871 hl
========== * Inhoud: Het document is een formele kwantitatieve rapportage over de aardappelpositie in de stad Amsterdam. Er wordt een nauwkeurige boekhouding bijgehouden in hectoliters (hl). In één week tijd is de voorraad met ruim 40.000 hl afgenomen, ondanks een nieuwe aanvoer van ruim 23.000 hl.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is ambtelijk en archaïsch ("Den Heer", "den brief", "heb ik de eer U... te doen toekomen"). Het gebruik van "Alhier" als adres duidt aan dat de afzender zich in dezelfde gemeente bevindt als de ontvanger.
* Vorm: Getypt document op doorslagpapier. De berekening onderaan is overzichtelijk weergegeven met optellingen en aftrekkingen, afgesloten met een dubbele streep. * Historische periode: Maart 1944 valt midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De voedselvoorziening was op dat moment een kritieke overheidstaak. Alles was op de bon en de voorraden werden streng gecontroleerd door zowel de Nederlandse autoriteiten als de bezetter.
* Voedselvoorziening: Hoewel de beruchte Hongerwinter pas een half jaar later zou beginnen, was de schaarste in het voorjaar van 1944 al merkbaar. Aardappelen vormden de basis van het Nederlandse dieet. Deze wekelijkse rapportages waren essentieel voor de burgemeester om de stabiliteit in de stad te bewaken.
* Bestuur: De burgemeester van Amsterdam was in deze periode Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld. De nauwkeurigheid van de cijfers (tot op de hectoliter nauwkeurig) weerspiegelt de bureaucratische controle die de bezettingsadministratie over de samenleving uitoefende.