Dienstverslag / Ambtelijke rapportage.
Origineel
Dienstverslag / Ambtelijke rapportage. F. Slotebogt (Marktinspecteur), in samenwerking met Controleur De Vries. De Inspecteur van het Marktwezen te Amsterdam. N⁰ 2 4/7/2 M. 1944 15/9
Den Hr. Inspecteur H/ Marktwezen.
Op 14 September '44 is door ondergetekende en
Contr: de Vries bij de Contrôle op aardappelen in
Amsterdam (Noord) geconstateerd, dat de meeste
aardappelen die naar Amsterdam door het
publiek vervoerd werden, afkomstig waren
van Purmerend en de Beemster. Wij zijn
eenige boeren afgeweest zooals H.J. Klaassebos
Oostzaan. H. Kok. Landsmeer. M. Janen en
Kotting. Verder werd echter door ons
geen fraude geconstateerd. Er werd door
hen wel aan ons medegedeeld, dat zij aard-
appelen moesten leveren aan Nederlandsche-Dok
Maatschappij, Scheepsbouw, Heeren Dok en Ford-
fabriek die ± 3 Mud-aardappelen per gezin ont-
vingen bij 25 KG. tegelijk. Hierdoor ontstonden
des avonds dan ook zulke rijen menschen, die
na werktijd op een kaart bij een hen aangewezen
boer de aardappelen ontvingen. Het is ons
wel opgevallen dat er veel aardappels vervoerd
worden naar de stad, die allen uit de richting
Purmerend & kwamen.
de Beemster
Amsterdam 15 September 1944
F. Slotebogt. Het document biedt een unieke inkijk in de voedselvoorziening van Amsterdam aan de vooravond van de Hongerwinter.
- Zelfvoorziening en distributie: Het rapport bevestigt dat Amsterdammers massaal zelf de polder in trokken ("door het publiek vervoerd") om aardappelen te halen.
- Bedrijfsregelingen: Opvallend is de vermelding van grote industriële werkgevers in Amsterdam-Noord, zoals de NDM (Nederlandsche Dok Maatschappij), de Ford-fabriek en het "Heeren Dok" (waarschijnlijk de Amsterdamsche Droogdok Maatschappij). Deze bedrijven omzeilden het haperende distributiesysteem door direct bij boeren in Waterland grote hoeveelheden aardappelen (3 mud, circa 210 kg, per gezin) in te kopen voor hun werknemers.
- Geen Fraude: De inspecteurs concluderen dat er geen "fraude" (zwarte handel) plaatsvindt. De drukte op de wegen en bij de boerderijen wordt gelegitimeerd door de noodzaak om de arbeiders van de vitale oorlogsindustrieën te voeden. De datum van dit rapport, 15 september 1944, is cruciaal. Het is tien dagen na "Dolle Dinsdag" en slechts twee dagen voor het begin van de Slag om Arnhem (Operatie Market Garden).
In deze periode was de reguliere voedselvoorziening in het nog bezette Amsterdam bijna volledig ingestort. De Zuid-Nederlandse landbouwgebieden waren reeds bevrijd of frontgebied geworden, waardoor de aanvoer naar de grote steden in het westen stagneerde. De Duitse bezetter zou kort na dit rapport, als vergelding voor de spoorwegstaking, de voedseltransporten naar West-Nederland volledig blokkeren, wat het startsein was voor de Hongerwinter. Dit document legt precies het moment vast waarop de stad volledig afhankelijk werd van de directe "hongertochten" naar de nabijgelegen polders zoals de Beemster.