Ambtelijke notitie of conceptbrief.
Origineel
Ambtelijke notitie of conceptbrief. 12 mei 1944 (onderaan gedateerd). wijl haar pakhuizen gevestigd waren op een
terrein aan de Zeeburgerdijk. Deze pakhuizen
heeft zij moeten ontruimen op bevel van
de Duitsche Autoriteiten.
Ik heb de eer U beleefd te verzoeken
wel te willen bevorderen, dat gerekend te zijn
ingegaan 1 April 1944 (over een lengte van 30 meter) het water van de
Nieuwe Vaart ten Westen van de terreinen
van de N.V. Van Gend & Loos door den Bm.,
ingevolge het bepaalde in artikel 7 van de
Verordening op den Dienst van het Marktwezen wordt
aangewezen als tijdelijke hulpwacht van de
Brandstoffenmarkt en wel tot en met 31 December
a.s. - Ik geef verder in overweging terzake het oor-
deel in te winnen van den Waarnemend Politiepresident.
M.B. 12/5 '44 * Inhoud: Het document beschrijft een logistiek probleem veroorzaakt door de Duitse bezetter. Een niet nader genoemde instantie (mogelijk gerelateerd aan de brandstofvoorziening) moest haar pakhuizen aan de Zeeburgerdijk in Amsterdam ontruimen. Als oplossing wordt voorgesteld om een gedeelte van het water van de Nieuwe Vaart, nabij de terreinen van transportbedrijf Van Gend & Loos, aan te wijzen als "tijdelijke hulpwacht" voor de Brandstoffenmarkt.
* Formulering: De tekst is geschreven in de formele, ambtelijke stijl van die tijd ("Ik heb de eer U beleefd te verzoeken"). Er wordt verwezen naar specifieke regelgeving (Artikel 7 van de Verordening op den Dienst van het Marktwezen).
* Handtekening/Initialen: De initialen "M.B." onderaan staan waarschijnlijk voor een afdeling (bijv. Marktwezen Beheer) of een specifieke ambtenaar. De datum "12/5 '44" plaatst het document diep in de bezettingstijd, vlak voor de invasie in Normandië. Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse administratieve afhandeling van de gevolgen van de Duitse bezetting in Amsterdam. De Zeeburgerdijk en de Nieuwe Vaart waren (en zijn) belangrijke waterwegen en transportgebieden. De vordering van gebouwen door de "Duitsche Autoriteiten" was in 1944 schering en inslag, vaak ten behoeve van de Wehrmacht of opslag voor de oorlogsindustrie. De "Brandstoffenmarkt" was cruciaal voor de stad, zeker gezien de toenemende schaarste aan kolen en hout in die periode. De rol van de "Waarnemend Politiepresident" is kenmerkend voor het toenmalige bestuur, waarbij de politie onder direct toezicht of invloed van de bezetter stond.