Ambtelijk adviesrapport / brief.
Origineel
Ambtelijk adviesrapport / brief. 25 februari 1944. Waarschijnlijk een gemeentelijke dienst (kenmerk VD/SV). [Handgeschreven bovenin:]
Verzonden 26/2 Imp
– 3 –
30/3/4M. VD/SV.
1
Verzoek van T. Dekker
plaats op de markten.
25 Februari 1944.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 11 Februari jl. om advies ontvangen stuk no.5/13 L.M.1944 hebben de ondergeteekenden de eer U te berichten, dat een verzoek van adressant, om hem een plaats op de markt Waterlooplein te verstrekken, dezerzijds is afgewezen. Dekker, geboren 23 Augustus 1902 is nimmer in den handel werkzaam geweest en heeft ook nooit op de markten een plaats bezet.
Hij kwam in 1930 van Edam naar Amsterdam en kwam al direct in den steun. Tot November 1940 is hij daar onafgebroken in geweest. Hij heeft toen een week geen steun gehad, doch genoot daarna weder tot November 1943 ondersteuning. Dekker is niet geheel valide; hij heeft een voetoperatie ondergaan en lijdt aan gewrichts- en zenuwrheumatiek.
Sedert November 1943 tracht hij met het opkoopen van 2e handsch goederen, zooals horloges, kijkers, vulpenhouders en dergelijke in zijn onderhoud te voorzien. Volgens zijn opkoopersregister heeft hij in de periode tusschen 20 December 1943 en 14 Januari 1944
| gekocht | verkocht |
|---|---|
| kachel | f. 20.- |
| fototoestel | f. 15.- |
| polshorloge | f. 37,50 |
| idem | f. 40.- |
Hij deelde echter mede, dat hij niet alles, wat hij heeft opgekocht, in zijn register heeft genoteerd.
Naar onze meening zal Dekker beslist geen geschikte handelaar worden.
Het wil ons voorkomen, dat personen met de antecedenten als de aanvrager niet tot de markten moeten worden toegelaten. Dit document is een ambtelijk negatief advies over de aanvraag van een zekere T. Dekker voor een marktplaats op het Waterlooplein. De toon is streng en moreel oordelend, wat typerend was voor de ambtelijke behandeling van "steuntrekkers" (mensen in de bijstand) in die tijd.
De belangrijkste argumenten voor de afwijzing zijn:
1. Gebrek aan ervaring: Hij heeft nooit eerder in de handel gewerkt.
2. Lange afhankelijkheid van de steun: Hij zat tussen 1930 en 1943 vrijwel constant in de sociale bijstand, wat door de ambtenaren als een negatief kenmerk ("antecedenten") wordt gezien.
3. Gezondheid: Hij wordt fysiek niet in staat geacht tot het werk (voetoperatie, reuma).
4. Onbetrouwbaarheid: Hij geeft zelf toe dat zijn administratie (opkoopersregister) niet volledig is, wat hem in de ogen van de overheid ongeschikt maakt als handelaar.
De tabel met prijzen geeft een interessant inkijkje in de economie van 1944. Er wordt gehandeld in luxe goederen (fototoestellen, horloges) die in de oorlogsjaren gewilde ruilobjecten waren. * Tijdperk: De brief is gedateerd februari 1944. Nederland is bezet door nazi-Duitsland. Hoewel de brief een lokaal-administratieve kwestie betreft, vindt dit plaats in een context van schaarste en strikte controle.
* Waterlooplein: Dit was van oudsher de kern van de Joodse buurt en de Joodse markt in Amsterdam. In februari 1944 was de Joodse bevolking echter grotendeels weggevoerd. De markt was in theorie "gezuiverd" en er kwamen plaatsen vrij voor niet-Joodse handelaren, maar de selectie aan de poort was zoals dit document toont uiterst streng.
* Sociale controle: De term "antecedenten" verwijst hier niet naar een crimineel verleden, maar naar het feit dat de man langdurig afhankelijk was van de armenzorg. Er heerste een sterk stigma op langdurige werkloosheid; dergelijke personen werden vaak als "asociaal" of "onbruikbaar" gecategoriseerd door het bureaucratisch apparaat. T. Dekker