Officieel inspectierapport / Dienstmededeling.
Origineel
Officieel inspectierapport / Dienstmededeling. 21 april 1944. De Marktmeester. Rapport. N⁰ 37/53/1 M. 1944 7/4
Op 21 April 1944 hield ik des morgens een contrôle op de aan de Centrale Markt aanwezige lichters en aardappelschepen. Door mij werden 17 schepen aangetroffen, te weten:
| Naam schip | schipper | ton | toestand |
|---|---|---|---|
| Lichter 3837 ✓ | V.B.N.A. | 40 | betaald |
| " 3847 ✓ | idem | 56 | idem |
| Vrachtzoeker ✓ | idem | 60 | idem |
| Dekschuit 2575 ✓ | Fustcentrale | 48 | idem |
| " 3475 ✓ | idem | 59 | idem |
| " 2423 ✓ | idem | 50 | idem |
| " 3830 ✓ | V.B.N.A. | 42 | in lossing |
| Vertrouwen ✓ | Smit | 142 | hedenmorgen in lossing |
| Actief | Schuur | 173 | in lossing |
| Noordster ✓ | de Noome | 137 | 20/4 in lossing |
| 3335 ✓ | V.B.N.A. | 78 | in lossing |
| Gezina | Visscher | 159 | 20/4 in lossing |
| Volharding ✓ | Krikke | 148 | hedenmorgen in lossing |
| Rival ✓✓ | Strijker | 171 | niet in lossing |
| Dirkje ✓✓ | Meijer | 73 | niet in lossing |
| de Hoop ✓ | de Vries | 224 | juist aangekomen |
| Cosmopoliet ✓ | de Vries | 127 | juist aangekomen |
Bovenstaande schepen stonden juist genoteerd in het algemeen contrôleboek, met uitzondering van de Noome, 137 ton en schipper Visscher, 159 ton.
Deze schepen stonden genoteerd als in lossing te zijn gegaan op 21/4 en dus berekend tot en met 27/4. Volgens verklaring van beide schippers zijn de schepen op 20/4 des morgens vóór 12 uur in lossing gegaan en moesten dus berekend worden tot en met 26/4.
Ik heb dit in het boek laten veranderen. Contrôleur Bijland die op 20/4 van 11 - 2 belast was met de schipperscontrôle, heb ik hierover onderhouden en gezegd voortaan de contrôle nauwkeuriger uit te oefenen, aangezien door deze fout finantieel nadeel voor de Gemeente kan ontstaan.
VL. Amsterdam, 21 April 1944.
De Marktmeester,
[Handtekening]
Aan den Heer Bedrijfschef [Handgeschreven in groen/rood potlood:]
van de Centrale Markt. beide schepen
vertrokken rldn 22/4
[Paraaf] Dit document is een ambtelijk verslag van de marktmeester van Amsterdam waarin hij verslag doet van een dagelijkse inspectie van de scheepvaart bij de Centrale Markt. De kern van de rapportage is een administratieve correctie: twee schepen ('Noordster' en 'Gezina') bleken een dag eerder met lossen te zijn begonnen dan officieel geregistreerd.
Omdat de havengelden of marktrechten gebaseerd waren op de tijdsduur van het lossen, had deze foutieve registratie directe financiële gevolgen. De marktmeester benadrukt dat dergelijke fouten leiden tot "finantieel nadeel voor de Gemeente". Het document toont een strenge interne controlecultuur; de betreffende controleur (Bijland) wordt direct aangesproken op zijn nalatigheid. De groene vinkjes op de lijst suggereren dat de schepen tijdens de ronde daadwerkelijk fysiek zijn gecontroleerd tegen de administratie. Het rapport stamt uit april 1944, een kritieke fase in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markt in Amsterdam (aan de Jan van Galenstraat) was het kloppend hart van de voedseldistributie. De vermelding van de V.B.N.A. (Verkoopbureau voor de Nederlandsche Aardappelhandel) bij veel schepen is veelzeggend; deze organisatie reguleerde onder toezicht van de bezetter de gehele aardappelvoorziening.
Opvallend is dat, ondanks de oorlogsomstandigheden en de groeiende voedselschaarste, de gemeentelijke bureaucratie en de handhaving van administratieve precisie onverminderd voortgingen. De handgeschreven aantekening onderaan bevestigt dat de kwestieuze schepen op 22 april, daags na het rapport, de markt alweer hadden verlaten.