Handgeschreven ambtelijk advies/verslag (klad of minuut).
Origineel
Handgeschreven ambtelijk advies/verslag (klad of minuut). 3
der verkooping, worde in het andere geval, dat het de vischhandel ten wille van zijn moeder weer ter hand neemt. In beide gevallen moet worden aangenomen, op geen andere gronden dan op die der goede trouw wordt aangenomen, dat de verdiensten op de zo hier bedoelde toewijzing genoten in de eerste plaats de moeder ten goede komen afgezien van dat de vaststelling daarvan vrij wel slechts mogelijk zal zijn door een geregeld gezinsonderzoek. Het zal allerminst op den weg van het gemeente bestuur kunnen liggen, moet vóór alles de aandacht er op worden gevestigd, dat hier de zelfde toestand ontstaat als in de vischhandel op de markt als is geschetst in het laatste gedeelte bij het onder A gestelde is behandeld.
Het wil ondergetekende voorkomen, dat deze weg niet ingeslagen moet worden. De moeilijkheden zullen na korter of langer tijd, dat een zoodanige regeling zou worden toegepast niet meer te overzien zijn. Wat al klachten zullen er niet worden vernomen van de anderen in de vischhandel werkzaam, die meenen dat bepaalde personen twee toe maar toewijzingen zullen ontvangen wel bij hoog en laag zullen bezweren en staan op de hand, dat zij het ook kunnen bewijzen, dat op de toewijzing waarom het hier gaat niet aan het bedoelde gezin ten goede komt. Indien zich nu hierbij nog voordoet, dat in het gezin, waarvoor de toewijzing door een buiten het gezin levend wonend kind wordt verkocht in goede financieele welstand leeft, doordat er een of meer kinderen uit andere hoofden een behoorlijk inkomen hebben, dan schijnt het wel bij voorbaat hopeloos te zijn aanneemlijk te achten dat de toewijzing dit gezin nog ten goede komt en niet ten bate van het kind, dat de toewijzing verkoopt.
4 (overweging)
Indien er plaats is voor overweging in deze is het door de ondergetekende uit alle krachten van alles er bij herhaaldelijk aandringen slechts dit te doen wat controleerbaar is, dat de minste aanleiding geeft tot onduidelijkheid in de verhouding en vooral niet verder te gaan dan een regeling in het kort te treffen, waarbij niet verder wordt gegaan dan vooral niet verder te gaan dan een regeling te treffen waarbij het mogelijk zal zijn bij overlijden van de kostwinner of kostwinster de toewijzing over te schrijven op een inwonend gezinslid, dat krachtens de voorschriften en tot de vakgroep enz.) dat aan den vischhandel mag deelnemen. In geval dit lid het gezin verlaat kan de toewijzing op een ander daarvoor in aanmerking komend gezinslid overgeschreven worden. Het uittredend gezinslid kan, zoo het een nader te bepalen tijd van het gezin het brood als kostwinner is opgetreden dan en het zich als zelfstandige in den vischhandel wil vestigen een toewijzing krijgen, welke grootte nog nader kan worden bepaald. De tekst behandelt de bureaucratische complexiteit van de 'toewijzing' (vergunning of recht) voor de vishandel. De kernpunten zijn:
- Fraudegevoeligheid: De schrijver waarschuwt dat toewijzingen die bedoeld zijn om een moeder of gezin te onderhouden, vaak misbruikt worden. Kinderen die elders wonen kunnen de rechten exploiteren ("verkoopen") terwijl het gezin al over voldoende inkomen beschikt.
- Controleerbaarheid: Het gemeentebestuur wordt geadviseerd om geen ingewikkelde regelingen te treffen die "gezinsonderzoek" vereisen, omdat dit onuitvoerbaar is en tot scheve gezichten bij andere handelaren leidt.
- Verervingsregeling: In paragraaf 4 wordt een praktischer alternatief voorgesteld: de toewijzing is strikt gekoppeld aan de kostwinner van een huishouden. Bij overlijden kan het recht overgaan op een ander inwonend gezinslid dat tot de vakgroep behoort.
- Uittreding: Er wordt een clausule voorgesteld voor gezinsleden die het huis verlaten om een eigen zaak te beginnen; zij kunnen onder voorwaarden een eigen toewijzing krijgen. Dit document past in de context van de gereguleerde vishandel in de eerste helft van de 20e eeuw in Nederland (bijvoorbeeld in plaatsen als Scheveningen, Katwijk of de Zeeuwse vissersdorpen). In deze periode werden handelsrechten vaak strikt gereguleerd door lokale overheden of marktwezen om een wildgroei aan handelaren te voorkomen en om sociale steun te bieden aan weduwen en gezinnen van vissers. Het taalgebruik is formeel-ambtelijk en gebruikt de spelling-Marchant (zoals 'vischhandel' en 'finantieele'). De "ondergetekende" is vermoedelijk een marktmeester of een inspecteur die adviseert aan het College van Burgemeester en Wethouders.