Zakelijke brief.
Origineel
Zakelijke brief. 18 december 1944. Directie van het Marktwezen, Amsterdam. [Briefhoofd:]
NEDERLANDSCHE
MIDDENSTANDSBANK N.V.
GEVESTIGD TE AMSTERDAM
Amsterdam, 18 December 1944
KANTOOR: Centrale Markt
TYP: N/P
AFD:
[Links boven:] Nº 53/16/1
[Stempel midden boven:] M. 1944 21/12
[Handgeschreven aantekening rechts boven in blauwe inkt:]
m.i. Hier. gezien
Bedrijfschef [?]
Aan de Directie van het Marktwezen
A M S T E R D A M
Mijne Heeren,
Zooals wij U reeds telefonisch mededeelden, hebben wij den laatsten tijd diverse onverkwikkelijke moeilijkheden ondervonden tengevolge van het feit, dat Uw portiers aan personen, die om de een of andere reden ons komen bezoeken, den toegang weigeren en dat nog dikwijls zonder opgave van redenen. Dit is ook eenige keeren gebeurd met menschen, die ons brieven komen brengen, welke als regel zoo spoedig mogelijk in ons bezit moeten zijn. Uw portiers hebben in enkele gevallen de brieven blijkbaar één of meer dagen onder hun berusting gehouden; wij ontvingen o.a. heden eerst de post welke op Vrijdag jl. is afgegeven waarin zich stukken van waarde bevonden.
Het zal U zonder meer duidelijk zijn dat wij deze maatregelen niet kunnen accepteeren. Wij verzoeken U derhalve dringend zoo spoedig mogelijk de noodige instructies te geven aan Uw personeel, opdat ons bedrijf geen onnoodige hindernissen in den weg gelegd worden. Wij meenen, dat wij als huurder toch wel recht van toegang hebben voor ons personeel en voor diegenen, die wij op ons kantoor moeten ontvangen. Anderzijds kunnen wij ons voorstellen, dat U maatregelen neemt om ongewenschte toestanden, o.m. zwarte handel etc. te bestrijden, doch daarbij moet Uw personeel o.i. toch met het noodige onderscheidingsvermogen handelen.
Wij vertrouwen gaarne, dat U een bevredigende oplossing zult kunnen vinden en verblijven inmiddels
Hoogachtend,
NEDERLANDSCHE MIDDENSTANDSBANK
Kantoor Centrale Markt
[Onduidelijke handtekening, mogelijk: H. Monas?]
[Handgeschreven aantekening links onder in rode inkt:]
h/ Thoman [?]
rapport. 1/12 brief terug
[Initialen: J.]
[Rechts onder:] 53
[Links onder:] K 232
--- * Inhoud: De Nederlandsche Middenstandsbank (NMB) beklaagt zich over het optreden van de portiers bij de Centrale Markt in Amsterdam. Bezoekers en koeriers wordt de toegang ontzegd zonder duidelijke reden. Ook wordt de post, waaronder post met "stukken van waarde", dagenlang vastgehouden door het bewakingspersoneel. De bank stelt dat zij als huurder recht hebben op vrije toegang voor personeel en klanten en eist dat de directie van het Marktwezen ingrijpt.
* Taalgebruik: De brief is geschreven in formeel-zakelijk Nederlands van het midden van de 20e eeuw. De toon is beleefd doch beslist en dwingend ("niet kunnen accepteeren", "verzoeken U derhalve dringend").
* Administratieve sporen: De brief bevat diverse kenmerken van de toenmalige archiefvorming. De paarse stempel ("M. 1944 21/12") wijst op de datum van binnenkomst bij de Directie van het Marktwezen, drie dagen na verzending. De handgeschreven rode en blauwe aantekeningen zijn instructies of parafen van ambtenaren die de brief hebben behandeld.
* Fysieke staat: Het document is een origineel typoscript op officieel briefpapier. Er zijn lichte vouwen zichtbaar, passend bij verzending per post en archivering.
--- * Historische context: De datum van de brief, 18 december 1944, is uiterst relevant. Nederland bevond zich midden in de Hongerwinter. Amsterdam was bezet door Nazi-Duitsland en kampte met extreme tekorten aan voedsel en brandstof. De Centrale Markthallen waren het logistieke hart van de voedseldistributie in de stad.
* Sociaal-economische achtergrond: Vanwege de schaarste was de controle bij de Centrale Markt extreem streng om diefstal en de "zwarte handel" (zoals ook expliciet in de brief genoemd) tegen te gaan. De portiers stonden waarschijnlijk onder grote druk om niemand zonder strikte legitimatie binnen te laten.
* De conflictvlak: De brief illustreert de frictie tussen de noodzakelijke strenge bewaking in oorlogstijd enerzijds en het functioneren van private instellingen (zoals de bank) anderzijds. De bank klaagt feitelijk dat de portiers geen onderscheid weten te maken tussen criminelen/zwarthandelaren en legitieme bankzaken, wat de bedrijfsvoering in een toch al chaotische tijd verder bemoeilijkte.