Archiefdocument
Origineel
6 februari 1943 Directeur van de Nederlandsche Meelcentrale, 's-Gravenhage. 55/1/1 [?] A’dam 6/2 1943
Dir. Ned. Meelcentrale
s’ Gravenhage
adres: Z.O. Binnensingel 66
Hiernevens heb ik de
eer U te verzoeken ook
voor het jaar 1944 weder
een hoeveelheid ijspoeder
beschikbaar te stellen ten
behoeve v de pachtster
~~van het~~ der café’s en cantines
op de C. M.
Indien enigszins
mogelijk zou ik het zeer
op prijs stellen, wanneer
het kwantum v 1943
ad. 900 kg. zou kunnen
worden verhoogd, aange-
zien in de zomermaanden [einde pagina] * Inhoud: De schrijver (wiens naam niet op dit blad staat) verzoekt de directeur van de Nederlandse Meelcentrale om een toewijzing van ijspoeder voor het jaar 1944. Dit ijspoeder is bestemd voor de pachtster(s) van de cafés en kantines op de "C.M.". In 1943 was er een quotum van 900 kg, en de schrijver verzoekt om een verhoging hiervan met het oog op de zomermaanden.
* Terminologie: "C.M." staat vrijwel zeker voor de Centrale Markthallen in Amsterdam. "Ijspoeder" was een halffabricaat (vaak op basis van meel, suiker en melkpoeder) dat essentieel was voor de commerciële productie van consumptie-ijs, zeker in een tijd van schaarste.
* Taalgebruik: Het document is geschreven in een formele, ambtelijke stijl ("Hiernevens heb ik de eer U te verzoeken"). Er is een correctie zichtbaar waarbij "van het" is doorgehaald en vervangen door de formelere genitiefvorm "der".
* Handschrift: Een vlot, geoefend zakelijk handschrift uit het midden van de 20e eeuw. * Historische context: Het document dateert van februari 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van een strikte distributie van grondstoffen.
* Institutionele context: De "Nederlandsche Meelcentrale" was een crisis-instelling (onderdeel van de Rijksbureaus) die toezicht hield op de handel en distributie van granen en meelproducten. Niets kon buiten deze centrale om geleverd worden.
* Betekenis: De brief illustreert hoe de bedrijfsvoering in de horeca (zelfs op een vitale plek als de Centrale Markthallen) volledig afhankelijk was van bureauctratische toewijzingen van de bezettende macht en de daaraan gelieerde instanties. Het feit dat men in februari 1943 al bezig is met de quota voor 1944, duidt op de noodzaak van langetermijnplanning in een haperende economie.