Getypte en gedrukte circulaire/kennisgeving op bruin papier.
Origineel
Getypte en gedrukte circulaire/kennisgeving op bruin papier. Na 6 augustus 1944 (gebaseerd op de tekst over Willem Slof). De onderstaande tekst is een letterlijke weergave van het origineel, inclusief spelling en indeling.
JAN PIETER VAN HERWIJNEN, geb. 28-9-1905, Steenwijkerwold, Tuk I 50-51
3-9-1944 tot 24-12-1944.
BRAND FABER, geb. 15-6-1910, Kommerzijl D. 63, gem. Oldehove, 3-9-1944 tot
26-4-1945.
KORNELIS FABER, geb. 25-7-1917, Grijpskerk, Kommerzijl C. 2, 3-9-1944 tot 26-4-1945.
SIJBREN POSTMA, geb. 11-7-1911, Grijpskerk A. 169, 3-9-1944 tot 26-4-1945.
RUURD AUKE VAN DER MEER, geb. 19-4-1905, Eeldersingel 10, Groningen,
3-9-1944 tot 1-2-1945.
De sluiting van de zaak van:
WILLEM SLOF, Vijzelstraat 1, Leeuwarden, is thans op 6 Augustus ingegaan. Over
den duur van de sluiting ontvangt U t.z.t. nog nader bericht.
Ter aanvulling op onze circulaire no 231/135/'44 dd. 31-7-1944 deelen wij U mede,
dat de uitsluiting van KRIJN v. d. SPIJK loopt van 10-7-1944 tot 10-1-1945.
Wij verzoeken U de noodige maatregelen te treffen.
Hoogachtend,
BEDRIJFSCHAP VOOR GROENTEN EN FRUIT:
[Handtekening] * **Inhoud:** Het document somt personen op die voor een bepaalde periode zijn uitgesloten van deelname aan het handelsverkeer in de groente- en fruitsector. Tevens wordt de sluiting van de zaak van Willem Slof in Leeuwarden bevolen.
- Terminologie: Termen als "uitsluiting" en "sluiting van de zaak" wijzen op administratieve of strafrechtelijke sancties.
- Geografie: De genoemde locaties (Steenwijkerwold, Kommerzijl, Grijpskerk, Groningen, Leeuwarden) concentreren zich in het noorden van Nederland (Friesland, Groningen, Overijssel). Dit document dateert uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (Tweede Wereldoorlog). Het Bedrijfschap voor Groenten en Fruit was een van de dwingend voorgeschreven organisatievormen (bedrijfschappen) die door de bezetter werden gebruikt om de distributie en economie strak te reguleren.
Dergelijke uitsluitingen werden vaak opgelegd wegens overtredingen van de distributiewetten, zoals handel op de zwarte markt of het niet naleven van prijsvoorschriften. De strikte handhaving was essentieel voor de bezetter om de voedselvoorziening (en de export naar Duitsland) te controleren. De genoemde data in 1944 en 1945 tonen aan dat dit bureaucratische systeem tot diep in de laatste oorlogsmaanden bleef functioneren.