Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen. 21 april 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt te Amsterdam). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). (Handgeschreven, rechtsboven:)
M. Sixma
M. Broese
(Handgeschreven, midden boven:)
Mr. vander 21/4
(Getypt:)
1/3/5 M. S/G.
21 April 1939.
Luchtbeschermingsmaatregelen.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
De Dienst der Publieke Werken verzoekt my een benedenruimte van een pakhuisafdeeling op de Centrale Markt gratis ter beschikking te stellen voor het bergen van ca. 100 m3 hout ten behoeve van luchtbeschermingsmaatregelen in Amsterdam-West. Aan dit verzoek kan worden voldaan door het beschikbaar stellen van de benedenruimte van een leegstaand pakhuis. De verdieping van dat pakhuis zou ik dan willen doen inrichten tot model-schuilgelegenheid. In overleg met het Hoofd van den Luchtbeschermingsdienst zal namelyk van de verdiepingsruimten der pakhuizen als schuilgelegenheid by luchtaanvallen gebruik moeten worden gemaakt. De grossiers-pakhuishuurders zullen te zyner tyd krachtens de desbetreffende wettelyke voorschriften gevorderd worden de bedoelde ruimten zoodanig te barricadeeren en - ook wat stapeling der goederen betreft - in te richten, dat het marktpubliek tydens een luchtaanval aldaar bescherming kan vinden. Voor het geven van de noodige aanwyzingen acht ik een model-schuilgelegenheid zeer noodig.
Ik stel U daarom voor my te machtigen een der leegstaande pakhuisafdeelingen te bestemmen voor den luchtbeschermingsdienst, teneinde de begane grond te gebruiken voor den opslag van hout en de verdiepingsruimte in te richten als model-schuilgelegenheid. Gezien het doel bestaat er myns inziens geen aanleiding om voor de ruimte, bestemd voor den houtopslag, eenige vergoeding in rekening te brengen.
De Directeur, Deze ambtelijke brief weerspiegelt de groeiende oorlogsdreiging in het voorjaar van 1939. De directeur van de Centrale Markt verzoekt de wethouder om toestemming voor het inrichten van civiele beschermingsmaatregelen. De kernpunten zijn:
1. Opslag: Er is behoefte aan ruimte voor 100 m3 hout, bedoeld voor luchtbescherming in Amsterdam-West.
2. Educatie/Voorbeeld: Er wordt voorgesteld om een "model-schuilgelegenheid" in te richten om huurders van pakhuizen (grossiers) te laten zien hoe zij hun ruimtes moeten barricaderen en inrichten voor publieke bescherming.
3. Juridisch/Financieel: Er wordt verwezen naar toekomstige wettelijke verplichtingen voor ondernemers. De directeur stelt voor om de opslagruimte gratis af te staan vanwege het algemeen belang. In april 1939, slechts enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, was de Nederlandse overheid druk bezig met de passieve luchtbescherming. De Luchtbeschermingsdienst (LBD) coördineerde de bouw van schuilplaatsen en het voorlichten van burgers en bedrijven. De Centrale Markt in Amsterdam (de huidige Food Center lokatie in West) was een vitale plek voor de voedselvoorziening en trok dagelijks veel publiek, waardoor adequate schuilmogelijkheden daar cruciaal waren. De genoemde 100 m3 hout was waarschijnlijk bedoeld voor het stutten van kelders of het dichtzetten van ramen tegen glassplinters. De wethouder voor de Levensmiddelen was verantwoordelijk voor het marktwezen en daarmee de eindverantwoordelijke voor dit verzoek.