Officieel afschrift van een gemeentelijke vergunning.
Origineel
Officieel afschrift van een gemeentelijke vergunning. № 39/85/4M. 1939 ^10/6 [handgeschreven] G. Mille [?] Du[?]
No. 5/106 L.M. 1939 2e... v. d. Kaay [handgeschreven]
Afschrift.
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
Gezien een adres van Leendert Lopes Dias, wonende Govert Flinck-
straat 265 I, waarbij vergunning wordt verzocht tot het innemen eener
standplaats met een mand ten verkoop van bloemen op den openbaren weg;
Geven adressant te kennen, dat hem, tot wederopzeggens toe, wordt
toegestaan een standplaats in te nemen met een mand ten verkoop van
bloemen, op den openbaren weg, het voetpad van het verhoogde midden-
gedeelte van de Zuider Amstellaan, tegenover den zijgevel van perceel
Dintelstraat 69, in het verlengde van de even genummerde huizen van de
Zuider Amstellaan en de oneven genummerde huizen van de Dintelstraat,
onmiddellijk tegen de plantsoenafrastering, om daarvan, aanvangende
te 9 uur des voormiddags, dagelijks, behalve des Zondags, gebruik te
maken gedurende de tijden, waarop het venten met genoemd artikel, vol-
gens de Verordening op de Winkelsluiting, is toegestaan, onder de vol-
gende voorwaarden:
a het verschuldigde standplaatsgeld moet bij vooruitbetaling worden
voldaan;
b de vergunninghouder mag alleen persoonlijk van deze vergunning ge-
bruik maken, zich bij den verkoop niet door helpers of helpsters
doen bijstaan en geen andere standplaats innemen, dan de hem door
de politie aangewezene;
c noch op, noch nabij de aangewezen standplaats mogen banken, kisten,
emmers water of andere voorwerpen worden geplaatst;
d de vergunninghouder mag geen grootere oppervlakte gebruiken dan een
van 1 M. bij 1 1/2 M.;
e het op eenigerlei wijze op- of uitbouwen van de gebezigde mand is
niet toegestaan;
f de aanwijzingen, in het belang der openbare orde door de Politie te
geven, moeten stipt worden nageleefd;
g de vergunninghouder moet op de eerste aanzegging der Politie de aan-
gewezen plaats ontruimen, indien dit in het belang van de openbare
orde of van het openbaar verkeer door deze wordt noodig geoordeeld,
zullende de weder ingebruikneming niet mogen geschieden, dan met
haar toestemming;
h de vergunning zal op eerste aanvraag aan alle ambtenaren van de Po-
litie en het Marktwezen ter inzage moeten worden overhandigd, zoo-
mede de kwitantie betreffende het betaalde standplaatsgeld over de
loopende week.
Deze vergunning zal dadelijk aan het bureau van de 2e afdeeling
der 5e Politiesectie en aan het hoofdkantoor van den Dienst van het
Marktwezen moeten worden vertoond en niet van kracht zijn, wanneer
niet tevens wordt vertoond een kwitantie, waaruit blijkt, dat het
standplaatsgeld over de loopende week is betaald.
TGn.
uitgev. 7/6 '39 [handgeschreven] AMSTERDAM, den 2 Juni 1939.
Burgemeester en Wethouders voornoemd,
Leges f. 1.--. (get.) Kopman. [handgeschreven] Weth
Voor eensluidend afschrift,
de Secretaris, de Secretaris,
Van Lier [handgeschreven handtekening] (get.) VAN LIER * Restrictieve Voorwaarden: De vergunning is opvallend streng. De bloemenverkoper mag geen enkele hulp hebben (voorwaarde b) en mag zelfs geen emmers water bij zijn standplaats hebben staan (voorwaarde c), wat voor de verkoop van bloemen een aanzienlijke logistieke uitdaging vormt.
* Locatie: De standplaats op de Zuider Amstellaan (ter hoogte van de Dintelstraat) bevond zich in de toen relatief nieuwe Rivierenbuurt. Deze wijk kende in 1939 een grote Joodse populatie.
* Bureaucratie: Het document benadrukt de verplichting om zowel de vergunning als de wekelijkse kwitantie van betaling direct te kunnen tonen aan de Politie of het Marktwezen. Zonder betalingsbewijs was de vergunning ongeldig.
* Leges: Voor het afschrift van deze vergunning werd 1 gulden aan leges betaald, een aanzienlijk bedrag voor een kleine straathandelaar in die tijd. Dit document is een tijdcapsule van het Joodse leven in Amsterdam vlak voor de Tweede Wereldoorlog.
* De Aanvrager: Leendert Lopes Dias (geboren in 1883) was een Joodse Amsterdammer. Uit archieven (Joods Monument) blijkt dat hij en zijn vrouw de oorlog niet hebben overleefd; zij zijn in 1943 vermoord in vernietigingskamp Sobibor. Dit geeft de anders zo droge ambtelijke tekst een diepe tragische lading.
* Stadsontwikkeling: De Zuider Amstellaan werd na de oorlog hernoemd. Het bewuste gedeelte bij de Dintelstraat staat nu bekend als de Rooseveltlaan.
* Tijdsgeest: In 1939 was de economische crisis nog voelbaar en was de straathandel een belangrijke maar streng gereguleerde bron van inkomsten voor velen. Minder dan een jaar na de datum op dit document zou de Duitse bezetting de beperkingen voor Joodse ondernemers en handelaren stapsgewijs verzwaren tot een totaal verbod.