Zakelijke brief (doorslag van een officieel schrijven).
Origineel
Zakelijke brief (doorslag van een officieel schrijven). 24 oktober 1939. Een onbekende instantie (mogelijk een overheidsorgaan gezien de referentiecodes), ondertekend door "De Directeur". [Rechtsboven handgeschreven:]
Lsn. Pr. de Boer. [Onzeker, mogelijk een paraaf of routing-notitie]
[Midden boven getypt:]
VP/HG.
[Linksboven getypt:]
46B/34/2 M.
[Midden handgeschreven:]
Verzonden 24/10-'39
[Rechtsboven getypt:]
24 October 1939.
[Adresseringsblok getypt:]
den Heer Directeur der Neder-
landsche Visscherijcentrale,
Juliana van Stolbergplein 3/4,
's - G r a v e n h a g e .
[Inhoud getypt:]
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 18 dezer (Afd.M.V.
No.4926) heb ik de eer U te berichten, dat ik bereid ben U
de verlangde opgave te doen verstrekken.
[Ondertekening getypt:]
De Directeur, * Inhoud: De brief is een korte, formele bevestiging. De afzender reageert op een brief van 18 oktober 1939 van de Nederlandsche Visscherijcentrale (referentie Afd.M.V. No.4926). Hij geeft aan akkoord te gaan met het verstrekken van een gevraagde opgave (gegevens of een rapportage).
* Formulering: Het taalgebruik is uiterst formeel ("heb ik de eer U te berichten"), passend bij de ambtelijke en zakelijke etiquette van die tijd.
* Annotaties: De handgeschreven aantekening "Verzonden 24/10-'39" dient als administratieve verificatie dat het document daadwerkelijk is uitgegaan op de getypte datum. De codes (VP/HG en 46B/34/2 M.) zijn interne archief- of dossierkenmerken. "VP" zou kunnen staan voor "Voedselvoorziening", een cruciaal departement in die tijd. * Tijdsgewricht: De brief dateert van oktober 1939, kort na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog (september 1939). Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, was de mobilisatie in volle gang en werden er voorbereidingen getroffen voor een mogelijke oorlogseconomie.
* Instanties: De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC), gevestigd aan het Juliana van Stolbergplein in Den Haag, was een organisatie die toezag op de regulering en ordening van de Nederlandse visserijsector. In oorlogstijd was de aansturing van deze sector essentieel voor de nationale voedselvoorziening.
* Onderwerp: De referentie "Afd.M.V." in de brief verwijst zeer waarschijnlijk naar de Afdeeling Marine-Visscherij, destijds een onderdeel van het Ministerie van Economische Zaken (of Landbouw en Visserij). De "verlangde opgave" betrof vermoedelijk statistische gegevens over visvoorraden, vangsten of scheepscapaciteit, noodzakelijk voor de centrale regie op de voedselvoorziening aan het begin van de oorlog.