Zakelijke brief op officieel briefpapier.
Origineel
Zakelijke brief op officieel briefpapier. 7 december 1939. NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE
TELEFOON 720080*
INTERCOMMUNAAL XX 1
TELEGRAMADRES: NEDVISCEN
GIROREKENING 245271
AFD. Ze.
BETREFFENDE aanvoer zeevisch
BERICHT OP SCHRIJVEN VAN
No.
BIJ ANTWOORD VERMELDEN:
No. 6036
BIJLAGEN STUKS, T.W.:
Den Heer Directeur van den Gemeentelijken Vischafslag te AMSTERDAM.-
'S-GRAVENHAGE, 7 December 1939
JULIANA VAN STOLBERGPLEIN 3—4
[Paars stempel:] Nº 46B/40/ M. 1939 9/12
[Handgeschreven rechtsboven:] zie bijlage 6/12 [onzeker]
Blijkens de door U ingezonden weekstaat over de week van 2 - 8 November 1939 betreffen- de aanvoer van zeevisch heeft op 2 November 1939 een zekere Braaksma met de HA.41 een hoeveel- heid zeevisch aangevoerd ter waarde van ƒ 70,30.
In verband hiermede moge ik U verzoeken mij te berichten uit welke vischsoorten deze hoeveelheid heeft bestaan en indien mogelijk nadere bijzonderheden omtrent de vangplaatsen te willen mededeelen.
Voor de te verstrekken gegevens zeg ik U bij voorbaat mijn dank.
DE DIRECTEUR,
[Handtekening]
JdV/NP
17768a - '39 De brief is een administratief verzoek om nadere informatie. De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) heeft de weekstaten van de visafslag in Amsterdam gecontroleerd en een specifieke landing opgemerkt.
Het betreft een vangst door de HA.41 (een vissersvaartuig geregistreerd in Harlingen) onder schipper Braaksma op 2 november 1939. De totale waarde van de aangevoerde zeevis was 70,30 gulden. De NVC vraagt om twee specifieke details die blijkbaar ontbraken of extra controle behoefden:
1. De exacte vissoorten waaruit de vangst bestond.
2. De vangstplaatsen (indien bekend).
De toon is formeel en beleefd, typerend voor de ambtelijke correspondentie van die tijd. De afkorting "JdV/NP" linksonder verwijst waarschijnlijk naar de opsteller van de brief en de typiste. Dit document stamt uit december 1939, de periode van de Mobilisatie in Nederland, vlak na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog maar vóór de Duitse inval in Nederland.
De Nederlandsche Visscherijcentrale was een orgaan dat toezicht hield op de visserijsector. In tijden van internationale spanning en dreigende voedselschaarste was een strikte controle op de aanvoer en distributie van vis cruciaal voor de nationale voedselvoorziening.
De behoefte aan details over "vangstplaatsen" kan daarnaast te maken hebben met de veiligheid op zee; door de oorlogsvoering tussen Groot-Brittannië en Duitsland was de Noordzee bezaaid met mijnenvelden en waren bepaalde gebieden verboden terrein voor de visserij. De overheid hield nauwgezet bij waar schepen zich bevonden om zowel economische statistieken te verzamelen als de naleving van veiligheidsvoorschriften te controleren.