Handgeschreven nota of concept-rapport betreffende de visserijsector.
Origineel
Handgeschreven nota of concept-rapport betreffende de visserijsector. N.B. De nummering en interpunctie uit het origineel zijn aangehouden. Tekst in de kantlijn is tussen haakjes ingevoegd op de meest logische plaats.
2 Ymuiden staat de zaak eenvoudig, aldus:
1/ Vroeger was Ymuiden meer uitsluitend bestemd voor de vischvoorziening van A’dam en naaste omgeving (het Westen en Centrum van het land) en voor de export (50%).
2/ A’dam had zoo ruimschoots visch, mede door de Zuiderzee (bot en babbeling).
3/. De Zuiderzee is weg, dus geen bot en babbeling meer.
4/. Thans koopt het hele land in Ymuiden, mede i.v.m. de afsluiting v. d. Zuiderzee. Spakenburgers, Volendammers enz., maar ook alle provincie-plaatsen koopen op de veiling in Y. Laden daar met groote auto’s de visch weg, tegen goede prijzen.
5/ Daarom neemt het vischgebruik in Nederland toe! Mede door de Rijks-vischbakkerij, die groote hoev. voor de werkloozen in tal v. plaatsen afneemt.
6/. Er varen weinig schepen, maar die vangen veel, o.a. het hele jaar door makreel en haring.
7) Er is dan ook overvloed van visch in Ymuiden; van goede visch voor het evengenoemde gebruik in Nederland.
8/ De cijfers (van de Urkers) wijzen dat uit! Daar kan geen misverstand over zijn! En er is niet meer te krijgen, in loonende vaart, want de Noordzee is doodgevischt!
9/. Dit is niet in strijd met het feit, dat A’dam beweert (terecht!): er is onvoldoende visch voor ons!
10/. De soorten en kwaliteiten voor A’dam ontbreken! (Bot, babbeling, garnaal. dikke schol en schar. Mooie visching.)
11) Ymuiden zegt: laat A’dam eten: kab., koolvisch, haring, makreel. Daar is genoeg van! Als A’dam maar wil betalen, kunnen ze ze halen! Niet van mooie dikke suurraad-schol, die is er te weinig! Zelfs dunne schol is er niet voldoende! Die is er niet! Mooie groote scholvisch wordt niet meer gevangen!
12/ Als A’dam dus niet wil hebben en goed betalen wat er is, dan is er niets aan te doen! (wel op den duur: diepvries v. verre visch en verbeterde vischmethoden, daar aan wordt gewerkt. waardoor men langere reizen kan maken, zoodat voor de verre visch een kans zou kunnen krijgen.)
13/ Vragen om de evengenoemde ontbrekende vischsoorten heeft geen zin. En toch doet men dat. Zie de enquête bij de venters.
14/ Als er volop was dan zou men het dubbele kunnen verkoopen, maar het is er niet! * Probleemstelling: Het document beschrijft een frictie tussen de vraag van de Amsterdamse markt (die gewend was aan specifieke "fijne" vissoorten uit de Zuiderzee) en het aanbod in de haven van IJmuiden.
* Economische verschuiving: Door de afsluiting van de Zuiderzee (1932) zijn lokale visgronden verdwenen. IJmuiden is hierdoor getransformeerd van een lokale export-haven naar het nationale distributiepunt voor heel Nederland.
* Schaarste en Overbevissing: De auteur merkt opmerkelijk vroeg op dat de Noordzee "doodgevischt" is (punt 8), wat de schaarste aan kwaliteitsvis (zoals grote schol) verklaart.
* Technologische oplossing: In de marge bij punt 12 wordt de oplossing gezocht in technologische innovatie: betere conservering (diepvries) en efficiëntere vangstmethoden om verder de zee op te kunnen gaan.
* Sociale context: De vermelding van de "Rijks-vischbakkerij" duidt op overheidsingrijpen tijdens de crisisjaren om visconsumptie onder werklozen te bevorderen. Dit document is geschreven in de periode na de voltooiing van de Afsluitdijk (1932). De Nederlandse visserij bevond zich in een overgangsfase: de Zuiderzeevisserij stortte in, terwijl de Noordzeevisserij kampte met de eerste tekenen van structurele overbevissing en economische depressie. De tekst lijkt een voorbereiding op een discussie met Amsterdamse vishandelaren of een beleidsstuk over de voedselvoorziening. De terminologie "babbeling" verwijst naar een specifieke (kleine) vissoort of sortering die lokaal zeer populair was maar schaars werd. N.B. De Y. Laden