Archief 745
Inventaris 745-282
Pagina 256
Dossier 27
Jaar 1939
Stadsarchief

Archiefdocument

19 juli 1939. Van: J. A. Brouwer.

Origineel

19 juli 1939. J. A. Brouwer. A' Dam 19/7.39 [rechtsboven: in map.]

Mijnheer

U.bericht ontvangen hebbende voor
een standplaats Lindengracht No 355
zoo kan ik tot mijn leedwezen niet
aanvaarden aangezien ik op die plaats
niets kan verdienen. Mogt er soms
een plaats open komen op de hoogte
van de Brouwersgracht en Noorder
Kerkstraat staan zoo zou ik die graag
willen hebben. Zoo zal ik maar
wachten tot dat ik iets van u hoor.

Bij voorbaat mijn dank.
J. A. Brouwer In deze brief reageert J. A. Brouwer op een toewijzing van een standplaats op de Lindengracht (nummer 355). Hij wijst dit aanbod af, waarbij hij een zeer pragmatische reden aanvoert: de commerciële levensvatbaarheid van die specifieke plek is volgens hem onvoldoende ("niets kan verdienen").

Brouwer toont zich echter wel bereidwillig om elders te staan en specificeert een voorkeurslocatie: de kruising van de Brouwersgracht en de Noorder Kerkstraat. Hij geeft aan te willen wachten tot er op die gewenste plek een ruimte vrijkomt. De schrijfstijl is formeel en beleefd, wat gebruikelijk was voor correspondentie met officiële instanties in die tijd. Het handschrift is een typisch voorbeeld van de Nederlandse schrijfstijl uit de vroege 20e eeuw. De datum van de brief, 19 juli 1939, plaatst het document in het Amsterdam van vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De genoemde locaties (Lindengracht, Brouwersgracht en Noorder Kerkstraat) liggen allemaal in de Jordaan, een wijk met een rijke traditie van straatmarkten.

Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse realiteit van een Amsterdamse marktkoopman voor wie de exacte locatie van een standplaats cruciaal was voor zijn inkomen. De aantekening "in map" rechtsboven wijst erop dat de brief deel uitmaakte van een geordend archief, zeer waarschijnlijk van de gemeentelijke Marktdienst die verantwoordelijk was voor de vergunningen en indeling van de stadsparken en markten.

Samenvatting

In deze brief reageert J. A. Brouwer op een toewijzing van een standplaats op de Lindengracht (nummer 355). Hij wijst dit aanbod af, waarbij hij een zeer pragmatische reden aanvoert: de commerciële levensvatbaarheid van die specifieke plek is volgens hem onvoldoende ("niets kan verdienen").

Brouwer toont zich echter wel bereidwillig om elders te staan en specificeert een voorkeurslocatie: de kruising van de Brouwersgracht en de Noorder Kerkstraat. Hij geeft aan te willen wachten tot er op die gewenste plek een ruimte vrijkomt. De schrijfstijl is formeel en beleefd, wat gebruikelijk was voor correspondentie met officiële instanties in die tijd. Het handschrift is een typisch voorbeeld van de Nederlandse schrijfstijl uit de vroege 20e eeuw.

Historische Context

De datum van de brief, 19 juli 1939, plaatst het document in het Amsterdam van vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De genoemde locaties (Lindengracht, Brouwersgracht en Noorder Kerkstraat) liggen allemaal in de Jordaan, een wijk met een rijke traditie van straatmarkten.

Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse realiteit van een Amsterdamse marktkoopman voor wie de exacte locatie van een standplaats cruciaal was voor zijn inkomen. De aantekening "in map" rechtsboven wijst erop dat de brief deel uitmaakte van een geordend archief, zeer waarschijnlijk van de gemeentelijke Marktdienst die verantwoordelijk was voor de vergunningen en indeling van de stadsparken en markten.

Locaties

Amsterdam (A' Dam).

Gerelateerde Documenten 6