Archief 745
Inventaris 745-324
Pagina 382
Dossier 103
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag).

4 november 1940. Van: Onbekend, ondertekend door "De Directeur" (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke dienst, zoals de Marktdienst). Aan: Mw. B. Bleekrode-Pam, Kloveniersburgwal 2 II, Amsterdam-Centrum.

Origineel

Getypte brief (doorslag). 4 november 1940. Onbekend, ondertekend door "De Directeur" (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke dienst, zoals de Marktdienst). Mw. B. Bleekrode-Pam, Kloveniersburgwal 2 II, Amsterdam-Centrum. extra [handgeschreven]

vP/HG. [rechtsboven]

Mw. B. Bleekrode-Pam,
Kloveniersburgwal 2 II,
Amsterdam-Centrum.

Wijk 1.

33/81/4 M. [links]

4 November 1940. [rechts]

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 22 October jl. bericht ik U, dat het daarin vervatte verzoek niet voor inwilliging in aanmerking kan komen. Uw plaats op de markt Westerstraat zal worden ingetrokken, indien U haar niet ten minste drie maal in de vier weken bezet.

De Directeur, * Inhoud: De brief is een formele afwijzing van een verzoek dat Mw. Bleekrode-Pam op 22 oktober 1940 schriftelijk had ingediend. Hoewel de precieze aard van haar verzoek niet wordt genoemd, is de strekking duidelijk: ze wordt gemaand haar standplaats op de markt in de Westerstraat vaker te bezetten (minstens drie van de vier weken), anders zal haar vergunning worden ingetrokken.
* Toon: De toon is strikt bureaucratisch en autoritair. Het woord "niet" is onderstreept om de definitieve aard van de afwijzing te benadrukken.
* Administratieve details: De codes "vP/HG" en "33/81/4 M." verwijzen naar interne archivering en de betreffende ambtenaren die de brief hebben opgesteld. "Wijk 1" duidt op de administratieve indeling van de stad of de marktdienst. * Historische periode: De brief dateert van november 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begonnen de bezettingsautoriteiten en het meewerkende Nederlandse ambtenarenapparaat met de registratie en uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare leven.
* De geadresseerde: Bertha Bleekrode-Pam (1898-1943) was de echtgenote van de bekende socialistische kunstenaar en graficus Meijer Bleekrode. Beiden waren Joods. Uit de brief blijkt dat Bertha een marktvergunning had voor de Westerstraatmarkt in de Jordaan.
* Situatie voor Joodse marktlui: Hoewel de brief op het eerste gezicht een standaard administratieve waarschuwing lijkt, moet deze gezien worden tegen de achtergrond van de toenemende druk op de Joodse bevolking. Kort na deze brief, in 1941, werden Joodse marktkooplieden gedwongen hun standplaatsen op de reguliere markten op te geven en werden zij verbannen naar speciaal aangewezen "Joodse markten". Het stellen van strikte aanwezigheidseisen kon een methode zijn om vergunningen van Joodse ondernemers vroegtijdig in te trekken.
* Lot van de familie: Het echtpaar Bleekrode-Pam woonde aan de Kloveniersburgwal 2 II. Bertha en Meijer Bleekrode zijn in 1943 gedeporteerd en vermoord in vernietigingskamp Sobibor. Dit document is een tastbare herinnering aan de bureaucratische strijd die Joodse Amsterdammers voerden om hun broodwinning te behouden in de vroege dagen van de bezetting. B. Bleekrode

Samenvatting

  • Inhoud: De brief is een formele afwijzing van een verzoek dat Mw. Bleekrode-Pam op 22 oktober 1940 schriftelijk had ingediend. Hoewel de precieze aard van haar verzoek niet wordt genoemd, is de strekking duidelijk: ze wordt gemaand haar standplaats op de markt in de Westerstraat vaker te bezetten (minstens drie van de vier weken), anders zal haar vergunning worden ingetrokken.
  • Toon: De toon is strikt bureaucratisch en autoritair. Het woord "niet" is onderstreept om de definitieve aard van de afwijzing te benadrukken.
  • Administratieve details: De codes "vP/HG" en "33/81/4 M." verwijzen naar interne archivering en de betreffende ambtenaren die de brief hebben opgesteld. "Wijk 1" duidt op de administratieve indeling van de stad of de marktdienst.

Historische Context

  • Historische periode: De brief dateert van november 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begonnen de bezettingsautoriteiten en het meewerkende Nederlandse ambtenarenapparaat met de registratie en uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare leven.
  • De geadresseerde: Bertha Bleekrode-Pam (1898-1943) was de echtgenote van de bekende socialistische kunstenaar en graficus Meijer Bleekrode. Beiden waren Joods. Uit de brief blijkt dat Bertha een marktvergunning had voor de Westerstraatmarkt in de Jordaan.
  • Situatie voor Joodse marktlui: Hoewel de brief op het eerste gezicht een standaard administratieve waarschuwing lijkt, moet deze gezien worden tegen de achtergrond van de toenemende druk op de Joodse bevolking. Kort na deze brief, in 1941, werden Joodse marktkooplieden gedwongen hun standplaatsen op de reguliere markten op te geven en werden zij verbannen naar speciaal aangewezen "Joodse markten". Het stellen van strikte aanwezigheidseisen kon een methode zijn om vergunningen van Joodse ondernemers vroegtijdig in te trekken.
  • Lot van de familie: Het echtpaar Bleekrode-Pam woonde aan de Kloveniersburgwal 2 II. Bertha en Meijer Bleekrode zijn in 1943 gedeporteerd en vermoord in vernietigingskamp Sobibor. Dit document is een tastbare herinnering aan de bureaucratische strijd die Joodse Amsterdammers voerden om hun broodwinning te behouden in de vroege dagen van de bezetting.

Genoemde Personen 1

Locaties

Westerstraat

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Duitsland/Oosten Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6