Officiële brief/oproep.
Origineel
Officiële brief/oproep. 9 november 1940. De Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam. [Logo: Wapenschild van Amsterdam met drie kruisen, geflankeerd door gestileerde figuren]
MARKTWEZEN AMSTERDAM HG.
[Handgeschreven tekst in potlood of inkt rechtsboven:] verzonden 9/11
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 90/85/1 M.
BIJLAGE ____
ONDERWERP: ______
AMSTERDAM (W.) 9 November 1940.
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN
den Heer E. Polak,
Kerkstraat 417 II,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 4.
Op grond van het feit, dat U geen gevolg hebt gegeven aan de aan U gerichte schriftelijke waarschuwing om Uw plaats op de markt Mosplein regelmatig te bezetten, behoort Uw marktplaats ingevolge artikel 11 van het Reglement op de Markten te worden ingetrokken.
Alvorens hiertoe te besluiten roep ik U op om op 13 Nov. a.s. tusschen 9½ - 12 uur v.m. te komen bij den Inspecteur van mijn dienst, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-West.
De Directeur,
[Ruimte voor handtekening, niet getekend op deze kopie]
A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-6-'38-1633.
--- Deze brief is een formele waarschuwing en oproep aan een marktkoopman, de heer E. Polak. De kern van de zaak is dat hij zijn toegewezen plek op de markt aan het Mosplein (in Amsterdam-Noord) niet regelmatig bezet. Volgens de geldende regelgeving (Artikel 11 van het Reglement op de Markten) is dit een reden om de vergunning voor de marktplaats in te trekken.
De brief is administratief van aard: de directeur van het Marktwezen besluit niet direct tot intrekking, maar geeft de heer Polak de gelegenheid om tekst en uitleg te geven bij een inspecteur aan de Jan van Galenstraat (de Centrale Markthallen).
Opvallend is de naam van de ontvanger: Polak is een veelvoorkomende Joodse achternaam. Gezien de datum van de brief (november 1940) roept dit de vraag op of de afwezigheid op de markt te maken had met de toenemende restricties voor Joodse burgers onder de Duitse bezetting, of dat het een louter zakelijke kwestie betrof.
--- De datum van de brief, 9 november 1940, bevindt zich in de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode begon de bezetter met de stapsgewijze uitsluiting van Joden uit het openbare leven en de economie.
Hoewel de brief een strikt administratieve reden opgeeft (het niet bezetten van een marktkraam), is de context van de Jodenvervolging essentieel. In 1941 zouden de maatregelen tegen Joodse marktkooplieden drastisch worden verscherpt, met als uiteindelijk gevolg dat Joden alleen nog op speciale "Joodse markten" mochten staan, voordat zij geheel uit het economische leven werden verbannen.
Het adres van de afzender, Jan van Galenstraat 14, was de zetel van het Amsterdamse Marktwezen, gelegen bij de Centrale Markthallen die in 1934 waren geopend. Deze locatie was het administratieve hart van alle Amsterdamse markthandel. De vermelding "Wijk 4" bij het adres van Polak verwijst naar de toenmalige administratieve indeling van de stad.