Archief 745
Inventaris 745-369
Pagina 12
Dossier 2C
Jaar 1942
Stadsarchief

Ambtsverslag/Rapportage.

11 februari 1942.

Origineel

Ambtsverslag/Rapportage. 11 februari 1942. Nº 2 B/5/1 M. 1942 13/2

R A P P O R T

Ch. Nees. Jr, oud 25 jaar en wonende Bellamystraat 20 alhier, verzoekt om een erkenning als kleinhandelaar in groenten en fruit. Hij verklaart sinds 24 Juli 1933 onafgebroken in de betrokken kleinhandel werkzaam te zijn als personeel, hetgeen mij bij onderzoek juist is gebleken. Van Juli 1933 tot Februari 1940 is hij als personeel werkzaam geweest bij zijn vader, kooper Ch. Nees. Sr, en heeft hij indien tijd alszoodanig te toegang gehad tot de Centrale Markt. Van Februari 1940 tot Januari 1942 is hij als personeel werkzaam geweest bij kooper N. Hakker, ~~die~~ een groenten en fruitzaak heeft gehad in de Beethovenstraat en een in de P.C. Hooftstraat alhier. Op last van de Duitsche Autoriteiten heeft Hakker deze zaken met ingang van Januari 1942 moeten opheffen. Door den heer Walter Sieber, beambte van de "Omnia Treuhande~~r~~ Gesellschaft" is de ~~xxx~~ inventaris van beide genoemde zaken aan Nees. Jr verkocht voor den prijs van f 1914,63. Zij nog vermeld, dat Nees, als personeel van Hakker, zijn arbeid uitsluitend buiten de Centrale Markt heeft verricht en derhalve in dien tijd niet in het bezit is geweest van een toegangskaart voor de Centrale arkt. Het ligt in de bedoeling van Nees om beide, of een der beide~~x~~ zaken aan te houden. Een en ander zal ondermeer afhangen in hoeverre Nees toewijzingen krijgt voor de noodige producten. Voor zoover door mij kan worden beoordeeld heeft Nees de vragen van zijn invulformulier naar waarheid beantwoord.

Amsterdam 11 Februari 1942
Controleur,

Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen.

[Handgeschreven aantekeningen in zwarte en rode inkt]:
- Mogelijk stempelen en doorsturen naar Den Haag.
- Ge Hb
- [diverse onleesbare parafen en dossiernummers zoals 2.0.2.] Dit document is een ambtelijk rapport dat de overdracht van een onderneming tijdens de Duitse bezetting van Nederland beschrijft. De kern van het rapport betreft de aanvraag van Ch. Nees Jr. om erkend te worden als zelfstandig handelaar.

De cruciale passage vermeldt dat de oorspronkelijke eigenaar, N. Hakker (Nathan Hakker, een Joodse ondernemer), zijn winkels in de Beethovenstraat en de P.C. Hooftstraat op last van de bezetter moest sluiten. Dit was onderdeel van de stelselmatige uitsluiting van Joden uit het economische leven. De inventaris werd vervolgens verkocht aan zijn voormalige (niet-Joodse) personeelslid, Nees Jr., via de "Omnia Treuhandgesellschaft". De genoemde prijs van f 1914,63 was de officiële koopsom die via deze Duitse instantie werd vastgesteld.

Het rapport dient als bewijs voor de 'zuiverheid' van de nieuwe eigenaar en zijn vakbekwaamheid, noodzakelijk voor het verkrijgen van distributietoewijzingen in een tijd van schaarste. Dit document vormt een direct bewijsstuk van de "Arisering" van het Nederlandse bedrijfsleven tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Omnia Treuhandgesellschaft was een door de Duitse bezetter opgerichte organisatie die belast was met het liquideren of "vermaatschappelijken" (overdragen aan niet-Joden) van Joodse bedrijven.

De locaties van de winkels (Beethovenstraat en P.C. Hooftstraat) bevonden zich in welgestelde buurten van Amsterdam waar relatief veel Joodse ondernemers gevestigd waren. Nathan Hakker en zijn familie werden, zoals de meeste Joodse ondernemers, eerst beroofd van hun bestaansmiddelen alvorens te worden gedeporteerd. Voor de nieuwe eigenaar, in dit geval een voormalig werknemer, bood de situatie een kans op sociale stijging, gefaciliteerd door de bureaucratie van het Marktwezen en de Duitse bezettingsmacht.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk rapport dat de overdracht van een onderneming tijdens de Duitse bezetting van Nederland beschrijft. De kern van het rapport betreft de aanvraag van Ch. Nees Jr. om erkend te worden als zelfstandig handelaar.

De cruciale passage vermeldt dat de oorspronkelijke eigenaar, N. Hakker (Nathan Hakker, een Joodse ondernemer), zijn winkels in de Beethovenstraat en de P.C. Hooftstraat op last van de bezetter moest sluiten. Dit was onderdeel van de stelselmatige uitsluiting van Joden uit het economische leven. De inventaris werd vervolgens verkocht aan zijn voormalige (niet-Joodse) personeelslid, Nees Jr., via de "Omnia Treuhandgesellschaft". De genoemde prijs van f 1914,63 was de officiële koopsom die via deze Duitse instantie werd vastgesteld.

Het rapport dient als bewijs voor de 'zuiverheid' van de nieuwe eigenaar en zijn vakbekwaamheid, noodzakelijk voor het verkrijgen van distributietoewijzingen in een tijd van schaarste.

Historische Context

Dit document vormt een direct bewijsstuk van de "Arisering" van het Nederlandse bedrijfsleven tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Omnia Treuhandgesellschaft was een door de Duitse bezetter opgerichte organisatie die belast was met het liquideren of "vermaatschappelijken" (overdragen aan niet-Joden) van Joodse bedrijven.

De locaties van de winkels (Beethovenstraat en P.C. Hooftstraat) bevonden zich in welgestelde buurten van Amsterdam waar relatief veel Joodse ondernemers gevestigd waren. Nathan Hakker en zijn familie werden, zoals de meeste Joodse ondernemers, eerst beroofd van hun bestaansmiddelen alvorens te worden gedeporteerd. Voor de nieuwe eigenaar, in dit geval een voormalig werknemer, bood de situatie een kans op sociale stijging, gefaciliteerd door de bureaucratie van het Marktwezen en de Duitse bezettingsmacht.

Locaties

Amsterdam.

Ambtenaren

Bedrijfschef

Gerelateerde Documenten 6