Getypte brief (doorslag of kopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag of kopie). 17 maart 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt Amsterdam). [Handgeschreven: Extra]
VD/HG.
de Fa. F.J. Beugel & Zn.,
Centrale Markt Hal 7 – 9,
Amsterdam-West.
77/2/46 M. 17 Maart 1942.
Ingevolge Uw verzoek deel ik U hierbij mede, dat volgens de administratie van mijn dienst aan C. de Jong Jr., geboren 7 Januar 1906, wonende Admiraal de Ruyterweg 166 in de jaren 1935 en 1936 als personeel van zijn vader C. de Jong Sr. toegang tot de Centrale Markt is verleend; in het jaar 1937 als verkooper (compagnon van zijn vader) en in de jaren 1938 tot en met 1940 als zelfstandig verkooper (huurder van een pakhuis in de hal). In de jaren 1941 en 1942 is door hem geen toegangskaart voor de Centrale Markt aangevraagd.
Voor zoover mij bekend is, heeft De Jong voornoemd zakelijk niets uitstaande met den heer C. de Jong Sr., gevestigd in pakhuis Hal 20 Centrale Markt, geboren 14 September 1884, wonende Admiraal de Ruyterweg 58 I, die met ingang van 9 Maart 1942 door den Inspecteur voor de Prijsbeheersching wegens overschrijding van de maximumprijzen voor groenten onder andere is gestraft met sluiting van zijn bedrijf voor den tijd van een jaar.
De Directeur, In deze brief reageert de directeur van de Centrale Markt op een verzoek om informatie van de firma F.J. Beugel & Zn. De kern van de brief is het maken van een strikt onderscheid tussen twee personen: C. de Jong Jr. en C. de Jong Sr.
De directeur zet de loopbaan van C. de Jong Jr. uiteen:
1. 1935-1936: Personeelslid bij zijn vader.
2. 1937: Compagnon van zijn vader.
3. 1938-1940: Zelfstandig ondernemer op de markt.
4. 1941-1942: Niet meer actief op de markt (geen toegangskaart aangevraagd).
De reden voor deze navraag wordt in de tweede alinea duidelijk: C. de Jong Sr. is zwaar gestraft. Hij heeft de prijsvoorschriften overtreden en zijn bedrijf is per 9 maart 1942 voor de duur van een jaar gesloten. De brief dient als bewijs of bevestiging dat de "onbesproken" Junior zakelijk losstaat van de "gestrafte" Senior. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt in Amsterdam (nu het Food Center Amsterdam) was een cruciaal knooppunt voor de voedselvoorziening.
Tijdens de bezetting stelde de overheid (onder toezicht van de bezetter) strikte maximumprijzen vast om inflatie en woekerwinsten op de zwarte markt tegen te gaan. De Inspecteur voor de Prijsbeheersching hield hier scherp toezicht op. Overtredingen werden streng bestraft, in dit geval met een bedrijfssluiting van een jaar, wat in oorlogstijd vaak het einde van een onderneming betekende.
Het feit dat de firma Beugel & Zn. om deze informatie vraagt, suggereert dat zij mogelijk zaken wilden doen met de zoon, maar zeker wilden weten dat zij hiermee niet indirect de gestrafte vader steunden of zelf in de problemen zouden komen met de autoriteiten. De brief illustreert de bureaucratische controle en de precaire positie van handelaren in oorlogstijd. C. de Jong F.J. Beugel