Archief 745
Inventaris 745-390
Pagina 547
Dossier 2A
Jaar 1942
Stadsarchief

Tuchtbeschikking (strafvonnis in het economisch tuchtrecht).

5 oktober 1942.

Origineel

Tuchtbeschikking (strafvonnis in het economisch tuchtrecht). 5 oktober 1942. [In spiegelbeeld bovenaan de pagina zichtbaar van de achterzijde:]
TUCHTBESCHIKKING

HEEFT GOEDGEVONDEN:

den verdachte te veroordeelen tot betaling van een geldboete van: f. 300.-- (drie honderd gulden

den verdachte te veroordeelen in de kosten ten beloope van f 40.-- , overeenkomstig
de bepalingen van het „Tarief voor Tuchtstrafproceskosten” van 23 Januari 1942;

~~verbeurd te verklaren de bij proces-verbaal van den~~ 194
~~inbeslaggenomen goederen;~~

~~te bepalen, dat~~
den verdachte te verbieden om gedurende den tijd van zes maanden als
kleinhandelaar, grossier of commissionnair in aardappelen, groenten en
fruit op te treden, welke straf 19 October 1942 begint te werken;

Amsterdam , den 5den October 194 2

De Toegevoegd Inspecteur voornoemd,
~~Inspecteur~~

Mr. R.E.Hattink,

BETALING van de opgelegde boete en de verschuldigde kosten moet geschieden binnen acht dagen na de uitreiking der tuchtbeschikking uitsluitend door storting of overschrijving op postrekening No. 408374 van de Inspectie voor de Prijsbeheersching te Amsterdam onder vermelding van nummers en letters van dit gerechtelijk schrijven. Bij gebreke hiervan volgt tenuitvoerlegging der tuchtbeschikking.

BEROEP tegen tuchtbeschikkingen is mogelijk:
a. indien is opgelegd een geldboete van meer dan f 500,—, al of niet met een bijkomende straf;
b. indien is opgelegd een geldboete van f 500,— of minder, mits daarbij een bijkomende straf is opgelegd, uitgezonderd de bijkomende straf van openbaarmaking.

De verplichting tot betaling van tuchtstrafproceskosten is geen bijkomende straf.

Beroep moet binnen veertien dagen na de uitreiking der tuchtbeschikking worden ingesteld bij een door den veroordeelde onderteekend beroepschrift, hetwelk moet worden ingediend bij den Gemachtigde voor de Prijzen te ’s-Gravenhage of bij den Inspecteur voor de Prijsbeheersching, door wien de beschikking in eersten aanleg genomen werd.

N.B. Een in te stellen beroep schort de tenuitvoerlegging der tuchtbeschikking niet op. Dit document betreft een veroordeling van een handelaar wegens een overtreding van de prijsvoorschriften tijdens de Tweede Wereldoorlog. De verdachte krijgt een aanzienlijke geldboete van 300 gulden (ter vergelijking: een modaal weekloon lag toen rond de 30-40 gulden) en proceskosten van 40 gulden.

De zwaarste component van de straf is echter de beroepsontzegging: de verdachte mag gedurende zes maanden niet handelen in aardappelen, groenten en fruit. Deze straf gaat in op 19 oktober 1942. Gezien de aard van de straf en de instantie (Prijsbeheersching), is de verdachte waarschijnlijk schuldig bevonden aan prijsopdrijving of handel op de zwarte markt. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was er een nijpend tekort aan goederen. Om inflatie en woekerprijzen tegen te gaan, stelde de bezetter de Inspectie voor de Prijsbeheersching in. Overtredingen werden niet via het reguliere strafrecht, maar via het economisch tuchtrecht afgehandeld. Dit systeem was ontworpen om snel en efficiënt te kunnen straffen zonder de langdurige procedures van een rechtbank.

Het tuchtrecht gaf inspecteurs de bevoegdheid om direct boetes en beroepsverboden op te leggen. Dergelijke maatregelen waren cruciaal voor de Duitse oorlogseconomie: enerzijds om de sociale rust onder de Nederlandse bevolking enigszins te bewaren door excessieve prijzen aan te pakken, anderzijds om de goederenstroom naar Duitsland te beheersen. Voor een handelaar betekende een ontzegging van zes maanden vaak het einde van de onderneming. N.B. Een R.E. Hattink

Samenvatting

Dit document betreft een veroordeling van een handelaar wegens een overtreding van de prijsvoorschriften tijdens de Tweede Wereldoorlog. De verdachte krijgt een aanzienlijke geldboete van 300 gulden (ter vergelijking: een modaal weekloon lag toen rond de 30-40 gulden) en proceskosten van 40 gulden.

De zwaarste component van de straf is echter de beroepsontzegging: de verdachte mag gedurende zes maanden niet handelen in aardappelen, groenten en fruit. Deze straf gaat in op 19 oktober 1942. Gezien de aard van de straf en de instantie (Prijsbeheersching), is de verdachte waarschijnlijk schuldig bevonden aan prijsopdrijving of handel op de zwarte markt.

Historische Context

Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was er een nijpend tekort aan goederen. Om inflatie en woekerprijzen tegen te gaan, stelde de bezetter de Inspectie voor de Prijsbeheersching in. Overtredingen werden niet via het reguliere strafrecht, maar via het economisch tuchtrecht afgehandeld. Dit systeem was ontworpen om snel en efficiënt te kunnen straffen zonder de langdurige procedures van een rechtbank.

Het tuchtrecht gaf inspecteurs de bevoegdheid om direct boetes en beroepsverboden op te leggen. Dergelijke maatregelen waren cruciaal voor de Duitse oorlogseconomie: enerzijds om de sociale rust onder de Nederlandse bevolking enigszins te bewaren door excessieve prijzen aan te pakken, anderzijds om de goederenstroom naar Duitsland te beheersen. Voor een handelaar betekende een ontzegging van zes maanden vaak het einde van de onderneming.

Genoemde Personen 2

N.B. Een R.E. Hattink

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Dieren: Hond Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis Zuivel & Eieren: Eieren Zuivel & Eieren: Room Zuivel & Eieren: Zuivel

Thema's

Duitsland/Oosten Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6