Officieel afschrift van een besluit van de Burgemeester van Amsterdam.
Origineel
Officieel afschrift van een besluit van de Burgemeester van Amsterdam. 30 april 1942. № 85/13/2 M. 1942 2/5
Afschrift
No. 399 L. M. 193 42
[Handgeschreven rechtsboven:] coll Hr. de Gaer
De BURGEMEESTER EN XXXXXXXXXX VAN AMSTERDAM,
Gezien het schrijven van den Directeur van het Marktwezen dd.
20 April 1942, no85/13/1 M., waaruit blijkt, dat door J. Brand, wonen-
de Egelantiersstraat 166 II, geen verder gebruik wordt gemaakt van de
hem bij beschikking dd. 29 November 1938, no. 811 L.M. verleende ver-
gunning, om kramen, op een anderen dan voor de markt bestemden tijd, op
te zetten of te hebben op de markt Mosplein;
Heeft goedgevonden voormelde beschikking hierbij in te trekken.
GM
Amsterdam, 30 April 1942.
De Burgemeester voornoemd,
(get.) V o û t e
De Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN Dit document is een administratieve intrekking van een marktvergunning tijdens de Tweede Wereldoorlog. Enkele belangrijke observaties:
- Bestuurlijke wijziging: In de aanhef is het woord "WETHOUDERS" met X-tekens doorgestreept. Dit is een direct gevolg van de Duitse bezettingspolitiek. In 1941 werd het leidersbeginsel ingevoerd, waarbij de gemeenteraden en het college van B&W werden ontbonden. De burgemeester kreeg de volledige beslissingsbevoegdheid, waardoor de vermelding van wethouders formeel onjuist was geworden.
- De betrokkene: Het betreft J. Brand, woonachtig aan de Egelantiersstraat 166-II in de Jordaan. Hij had sinds 1938 een speciale vergunning om buiten de reguliere markttijden kramen te plaatsen op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord).
- Reden van intrekking: De vergunning wordt ingetrokken omdat de houder er geen gebruik meer van maakt. Hoewel de reden niet expliciet wordt genoemd, valt de datum (april 1942) midden in de periode van verscherpte anti-Joodse maatregelen en economische ontwrichting door de bezetting. Veel marktkooplieden moesten in deze periode noodgedwongen hun nering staken.
- Ondertekening: Het document is ondertekend door Edward Voûte, de door de bezetter benoemde burgemeester van Amsterdam, en gemeentesecretaris J.F. Franken. De namen zijn gestempeld, wat gebruikelijk was voor afschriften. In april 1942 was Nederland bijna twee jaar bezet. Amsterdam stond onder het gezag van regeringscommissaris/burgemeester Edward Voûte. Het dagelijks leven, inclusief de handel op markten zoals die op het Mosplein, was onderworpen aan strikte regelgeving en distributiemaatregelen.
De Egelantiersstraat, waar J. Brand woonde, was een volksbuurt in de Jordaan. De markt op het Mosplein was een vitale handelsplek voor Amsterdam-Noord. De administratieve precisie waarmee een ongebruikte vergunning uit 1938 wordt ingetrokken, getuigt van de voortzetting van de bureaucratische processen onder het bewind van de bezetter, waarbij de machtsstructuur echter fundamenteel was gewijzigd ten gunste van een autoritair burgemeesterschap. J. Brand J.F. Franken Marktwezen