Ambtelijke correspondentie (begeleidend schrijven bij contract).
Origineel
Ambtelijke correspondentie (begeleidend schrijven bij contract). 20 juni 1939. De Directeur (van de Centrale Markt). M. Muller [handgeschreven]
HG.
64/34/2 M.
n 2
20 Juni 1939.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
In bijlage dezes heb ik de eer U een contract in duplo te doen geworden ten name van J. Wester betreffende huur van pakhuisafdeeling no. D 7 op de Centrale Markt.
Ik moge U beleefd verzoeken de onderteekening van dit contract door den heer Burgemeester te willen bevorderen en mij het daarna te doen retourneeren; dezerzijds kan dan voor registratie worden zorggedragen.
De Directeur, Het document betreft een formele verzoeningsbrief voor de afhandeling van een huurovereenkomst. De Directeur (van de Centrale Markt) legt een contract in tweevoud (duplo) voor aan de Wethouder voor de Levensmiddelen. Het contract is bedoeld voor een zekere J. Wester voor de huur van een specifieke opslagruimte ("pakhuisafdeeling no. D 7") op het marktterrein.
De brief illustreert de hiërarchische en bureaucratische gang van zaken binnen het gemeentelijk apparaat van die tijd: de directeur bereidt de stukken voor, de wethouder fungeert als tussenpersoon, en de burgemeester dient de uiteindelijke handtekening te zetten. De toon is uiterst hoffelijk en formeel ("heb ik de eer", "U beleefd verzoeken", "te willen bevorderen"). De brief dateert van juni 1939, enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De verwijzing naar de "Centrale Markt" en de "Wethouder voor de Levensmiddelen" duidt vrijwel zeker op de gemeente Amsterdam. De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat waren in 1934 geopend en vormden de spil van de voedseldistributie in de hoofdstad.
De markt viel onder de verantwoordelijkheid van een eigen gemeentelijke dienst. In deze periode was de voedselvoorziening een cruciaal beleidsterrein voor het college van B&W. Het huren van een pakhuisruimte was essentieel voor handelaren (zoals de genoemde J. Wester) om hun goederen op de markt te kunnen verhandelen en op te slaan onder toezicht van de marktautoriteiten. J. Wester M. Muller W. Het Gemeente Amsterdam