Archief 745
Inventaris 745-297
Pagina 11
Jaar 1939
Stadsarchief

Brief of ambtelijk memorandum (doorslag).

24 januari 1939 (gebaseerd op "24 Januari 9" bovenaan en de referentie naar september 1938 in de tekst). Van: Waarschijnlijk een ambtenaar of afdelingshoofd van de Gemeente Amsterdam.

Origineel

Brief of ambtelijk memorandum (doorslag). 24 januari 1939 (gebaseerd op "24 Januari 9" bovenaan en de referentie naar september 1938 in de tekst). Waarschijnlijk een ambtenaar of afdelingshoofd van de Gemeente Amsterdam. 1 24 Januari 9
68/1/6 den Heer Wethouder voor de
Amsterdam. Levensmiddelen

hiervan diene, dat in artikel 13 sub I van het concept de
bestemming dezer verbinding wordt omschreven, zonder dat de
Wasschery daarbij wordt genoemd, terwyl ook sub II van dit
artikel van "belanghebbenden" en niet van de Wasschery wordt
gesproken. Voorts wordt sub VII van het artikel bepaald, dat
de Gemeente van belanghebbenden geen vergoeding mag heffen
wegens het gebruik van de spoorverbinding; deze bepaling zou
zinledig zyn, indien de verbinding alleen voor de Wasschery,
dus voor de Gemeente zelve, dienen moest.

    II. Indien te eeniger tyd aan den Haarlemmerweg

gelegen reserveterrein van de Centrale Markt als industrie-
terrein ter beschikking van particulieren zou worden gesteld,
zou de waarde van dit terrein minder groot zyn, indien er
geen spoorverbinding was; voor het hier bedoelde terrein
wordt de spoorverbinding door die "naar de Wasschery" ge-
vormd.

    III. Met hun missive d.d. 9 September 1938 (No.187

L.M.1937) hebben Burgemeester en Wethouders aan de Directie
der N.V. Nederlandsche Spoorwegen bericht, dat zy bereid zyn
een voordracht by den Gemeenteraad in te dienen, inzake het
sluiten van een nieuwe overeenkomst betreffende de spoorver-
bindingen onder andere met de Gemeentewasschery. Het zou op
de Directie der Spoorwegen een minder goeden indruk maken,
indien deze bereidverklaring thans werd ingetrokken. Op zich
zelf is dit uiteraard geen argument, om een eventueel minder
juist geoordeelde toezegging niet te herroepen, zoolang dat
nog mogelyk is, doch de kans bestaat, dat de Spoorwegen,
wanneer hun wordt meegedeeld, dat de Wasschery niet meer van
hun diensten gebruik zal maken, zwaardere financieele offers
voor de verbinding der Westergasfabriek en der Centrale
Markt zullen eischen, omdat hun belang by de geheele verbin-
ding geringer wordt.

    Op grond van de vorenstaande overwegingen stel ik

derhalve voor, om het feit, dat de Wasschery de spoorverbin-
ding niet meer zal gebruiken, uitsluitend te doen gelden
voor de kostenverdeeling der belanghebbende Gemeentebedryven * Inhoud: Het document adviseert over de juridische en strategische omgang met spoorverbindingen die verschillende gemeentelijke instellingen bedienen. Hoewel de Gemeentewasscherij geen gebruik meer wil maken van het spoor, wordt geadviseerd de spoorverbinding formeel in stand te houden in overeenkomsten met de NS.
* Argumentatie:
1. Juridisch: De conceptovereenkomst spreekt over "belanghebbenden" in het algemeen, niet specifiek de wasserij.
2. Economisch: Het behoud van het spoor verhoogt de toekomstige waarde van nabijgelegen reserveterreinen voor de Centrale Markt.
3. Strategisch: Het intrekken van een eerdere toezegging aan de NS kan de onderhandelingspositie van de gemeente schaden, waardoor de kosten voor andere verbindingen (Westergasfabriek) kunnen stijgen.
* Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands met de toen gebruikelijke spelling (bijv. "Wasschery", "zinledig zyn", "financieele"). Dit document stamt uit de periode vlak voor de Tweede Wereldoorlog en geeft inzicht in de infrastructurele planning van Amsterdam. In die tijd waren de Westergasfabriek en de Centrale Markt vitale onderdelen van de stedelijke voorzieningen die zwaar leunden op goederenvervoer per spoor. De discussie over de kostenverdeling tussen gemeentebedrijven toont de interne zakelijke afwegingen van het toenmalige stadsbestuur. De "Wasschery" verwijst naar de Gemeentewasscherij die destijds aan de westkant van de stad lag.

Samenvatting

  • Inhoud: Het document adviseert over de juridische en strategische omgang met spoorverbindingen die verschillende gemeentelijke instellingen bedienen. Hoewel de Gemeentewasscherij geen gebruik meer wil maken van het spoor, wordt geadviseerd de spoorverbinding formeel in stand te houden in overeenkomsten met de NS.
  • Argumentatie:
    1. Juridisch: De conceptovereenkomst spreekt over "belanghebbenden" in het algemeen, niet specifiek de wasserij.
    2. Economisch: Het behoud van het spoor verhoogt de toekomstige waarde van nabijgelegen reserveterreinen voor de Centrale Markt.
    3. Strategisch: Het intrekken van een eerdere toezegging aan de NS kan de onderhandelingspositie van de gemeente schaden, waardoor de kosten voor andere verbindingen (Westergasfabriek) kunnen stijgen.
  • Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands met de toen gebruikelijke spelling (bijv. "Wasschery", "zinledig zyn", "financieele").

Historische Context

Dit document stamt uit de periode vlak voor de Tweede Wereldoorlog en geeft inzicht in de infrastructurele planning van Amsterdam. In die tijd waren de Westergasfabriek en de Centrale Markt vitale onderdelen van de stedelijke voorzieningen die zwaar leunden op goederenvervoer per spoor. De discussie over de kostenverdeling tussen gemeentebedrijven toont de interne zakelijke afwegingen van het toenmalige stadsbestuur. De "Wasschery" verwijst naar de Gemeentewasscherij die destijds aan de westkant van de stad lag.

Kooplieden in dit dossier 64

Gerelateerde Documenten 6