Huurovereenkomst voor een winkelpand.
Origineel
Huurovereenkomst voor een winkelpand. Op heden den
negentienhonderd negen en dertig heeft de gemeente Amsterdam, daar-
toe gemachtigd by besluit van den Gemeenteraad van 7 Juli 1937, No.
386, goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van Noordholland by hun
besluit van 4 Augustus 1937, No.155, verhuurd aan
te Amsterdam, die erkent van haar te huren een hem volkomen bekenden
winkel, gelegen Jan van Galenstraat nummer 18 te Amsterdam; geschie-
dende deze verhuring voor den tyd van één jaar, ingaande den eersten
Juli negentienhonderd negen en dertig en mitsdien eindigende den
dertigsten Juni negentienhonderd veertig, tegen een huurprys van
vyfhonderd gulden (ƒ 500,-) per jaar; zullende de huur verschuldigd
zyn by vooruitbetaling in 12 maandelyksche termynen en wel tien van
ƒ 41,66 en twee van ƒ 41,70, vervallende de eerste termyn by onder-
teekening van dit contract en zoo vervolgens elke termyn op den
eersten der volgende maand; alle termynen te voldoen ten kantore van
den dienst van het Marktwezen of door overschryving op rekening No.
74 van het bedryf der Centrale Markt by het Gemeentelyk Girokantoor.
Deze huur en verhuur geschiedt voorts onder de navolgende voor-
waarden:
Artikel 1.
De Verordening op de heffing en op de invordering van markt-,
standplaats- en ventgelden en de Verordening op den dienst van het
Marktwezen, vastgesteld by besluit van den Gemeenteraad d.d. 16 Mei
1934, benevens het Reglement op de Centrale Markt, vastgesteld by
besluit van Burgemeester en Wethouders d.d. 5 October 1934, zooals
deze Verordeningen en dat Reglement thans luiden, benevens de even-
tueele wyzigingen, die daarin nog zullen worden aangebracht, zyn op
deze overeenkomst van toepassing. De huurder kan aan deze overeen-
komst geen rechten ontleenen, die met vorenbedoelde Verordeningen en
met vorenbedoeld Reglement in stryd zyn.
Artikel 2.
De huurder aanvaardt het gehuurde in den staat, waarin het zich
by den aanvang der huur bevindt.
Het is den huurder niet geoorloofd eenige leiding, vertimmering
of verandering in het gehuurde aan te brengen, zonder voorafgaande
goedkeuring van den Directeur van het Marktwezen.
Burgemeester en Wethouders zyn te allen tyde bevoegd in het ge-
huurde die wyzigingen te doen aanbrengen, welke zy noodzakelyk of
wenschelyk achten. Dit document betreft een standaard huurcontract van de Gemeente Amsterdam voor een winkelpand aan de Jan van Galenstraat 18. De huurperiode is vastgesteld op één jaar, van 1 juli 1939 tot 30 juni 1940. De jaarhuur bedraagt 500 gulden, wat destijds een aanzienlijk bedrag was voor een winkelruimte.
Opvallend is de strikte koppeling met de regelgeving van de 'Centrale Markt' en de 'Dienst van het Marktwezen'. De huurder heeft weinig vrijheid; verbouwingen mogen niet zonder toestemming van de Directeur van het Marktwezen worden uitgevoerd, terwijl de gemeente zichzelf het recht voorbehoudt om op elk moment wijzigingen aan het pand aan te brengen. Het pand aan de Jan van Galenstraat 18 bevond zich direct nabij de in 1934 geopende Centrale Markthallen (nu bekend als het Food Center Amsterdam). Dit gebied was het logistieke hart van de Amsterdamse voedselvoorziening. Omdat de gemeente eigenaar was van de grond en de gebouwen, werden ondernemers in deze zone onderworpen aan specifieke gemeentelijke verordeningen die strenger waren dan reguliere winkelhuurcontracten.
De spelling in het document (zoals 'tyd', 'maandelyksche' en 'stryd') weerspiegelt de officiële schrijfwijze van voor de spellinghervorming van Marchant (1934/1947), waarbij de 'ij' vaak als 'y' werd getypt op officiële documenten uit die periode. De datering, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, plaatst het document in de laatste maanden van het vooroorlogse Amsterdamse economische leven. Gemeente Amsterdam Marktwezen