Archiefdocument
Origineel
20 juli 1939 (gebaseerd op kanttekening). (In de linkermarge):
Hieraan zal
geen gevolg
worden gegeven,
zij het ook niet
direct
(te gekenm. Gem. Tel)
20/7 '39
(Hoofdtekst):
Zodra zich gegadigden voordoen
voor industrie terrein, kan worden
nagegaan of zonder bezwaar voor
toekomstige marktbelangen aan de
aanvraag kan worden voldaan.
Bij het verhuur van terreingedeelten
zal moeten worden rekening gehouden
met het reserveren van een uitweg
naar de Haarlemmerweg, behalve
de reeds bestaande uitgang oostelijk
langs het marktterrein.
Vermoedelijk zal het meeste
interesse bestaan voor het terreingedeelte
grenzende aan Haarlemmerweg.
Inmiddels hebben wij aanvragen
van Gem. Telefoon voor ca 1000 m2
terrein voor opslag van haspels, benevens
een terrein groot ca 30 x 50 m voor het
zetten van verplaatsbare loodsen van
gegolfde plaatijzer voor het bergen stallen
van auto's e.d. G. Tel. heeft hiervoor
thans ruimte op v/m. Rijksmarinewerf
en betaalt hiervoor een bedrag tusschen
f 1.- à f 1.50 per m2 / jaar aan het Rijk.
Zijn er nog andere gemeentebedrijven
die behoefte hebben aan opslag terrein en
thans aan derden hooge bedragen betalen?
Dit kan blijken indien door bemiddeling
P.W. pogingen worden gedaan om
terreinen voor dergelijke industrieele
doeleinden te verhuren.
Zoolang geen zekerheid dat terrein
gedeelte niet voor industrieele doeleinden
kunnen worden verhuurd, wordt
ongewenscht om door beschikbaarstelling
als sportterrein, productieve verhuring
als industrie terrein te belemmeren, zoo
niet onmogelijk te maken.
--- De tekst betreft een ambtelijke afweging over de bestemming van een terrein nabij een marktgebied (waarschijnlijk de Centrale Markthallen in Amsterdam). De kernpunten zijn:
1. Prioriteit: Er moet voorzichtig worden omgegaan met de grond om toekomstige uitbreiding van de markt niet te hinderen.
2. Infrastructuur: Bij verhuur moet er een ontsluiting naar de Haarlemmerweg gewaarborgd blijven.
3. Potentiële huurder: De Gemeentetelefoon (Gem. Tel.) heeft concrete interesse voor opslag van kabelhaspels en het stallen van voertuigen in noodloodsen. Zij huren momenteel van het Rijk (op de voormalige Marinewerf) en de gemeente ziet een kans om deze huurinkomsten zelf te innen.
4. Bestemmingsconflict: De schrijver adviseert expliciet tegen het tijdelijk inrichten van het terrein als sportveld. Men is bang dat een sportbestemming de latere, financieel lucratievere industriële verhuur zal bemoeilijken.
--- Het document dateert van juli 1939, slechts enkele weken voor de algemene mobilisatie en het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er binnen grote steden zoals Amsterdam een voortdurende strijd om de schaarse ruimte tussen economische functies (industrie, markten), nutsvoorzieningen (telefoon) en sociale functies (sport en recreatie). De afkorting "P.W." staat voor Publieke Werken, de dienst die verantwoordelijk was voor de ruimtelijke ordening en het beheer van gemeentegrond. De kanttekening in de marge suggereert dat de plannen, ondanks het economische voordeel, op dat moment werden geparkeerd.