Archief 745
Inventaris 745-297
Pagina 272
Dossier 83
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief (doorslag).

10 februari 1939. Van: De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst, zoals de Keuringsdienst van Waren of de Marktdienst).

Origineel

Getypte ambtelijke brief (doorslag). 10 februari 1939. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst, zoals de Keuringsdienst van Waren of de Marktdienst). 72/13/1 M

Verzonden 10/2 [handgeschreven]

G.

10 Februari 1939.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.

Ingevolge Uw opdracht d.d. 28 Mei 1935 No.1085
L.M. heb ik de eer U bygaand te doen toekomen een overzicht
van de gehouden contrôles en de gemaakte processen-verbaal
over de maand December 1938.

De Directeur, De brief is een formeel geleidbiljet bij een maandelijkse rapportage. De directeur van een niet nader genoemde gemeentelijke dienst rapporteert aan de verantwoordelijke wethouder over de handhavingsactiviteiten (controles en processen-verbaal) met betrekking tot levensmiddelen.

Opvallend is de verwijzing naar een opdracht uit mei 1935 (No. 1085 L.M., waarbij L.M. staat voor Levensmiddelen), wat duidt op een vastgelegde periodieke rapportageplicht die al jaren van kracht was. De rapportage over december 1938 wordt pas in februari 1939 verstuurd, wat wijst op een administratieve verwerkingstijd van ongeveer anderhalve maand. Het taalgebruik is uiterst hoffelijk en ambtelijk ("heb ik de eer U bygaand te doen toekomen"). Dit document stamt uit de periode vlak voor de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd was de controle op de kwaliteit en eerlijke handel in levensmiddelen een cruciale taak van het gemeentebestuur, uitgevoerd door gespecialiseerde diensten. De wethouder voor Levensmiddelen had een belangrijke politieke rol in de zorg voor de volksgezondheid en de marktordening in de stad (gezien de term "Alhier" betreft het een lokale overheid, zeer waarschijnlijk Amsterdam gezien de herkomst van dergelijke archiefstukken).

De controles konden betrekking hebben op zaken als hygiëne in winkels, de kwaliteit van melk of vlees, of het naleven van gewichten en prijzen. De processen-verbaal duiden op geconstateerde overtredingen waarvoor strafrechtelijke of administratieve vervolging werd ingesteld.

Samenvatting

De brief is een formeel geleidbiljet bij een maandelijkse rapportage. De directeur van een niet nader genoemde gemeentelijke dienst rapporteert aan de verantwoordelijke wethouder over de handhavingsactiviteiten (controles en processen-verbaal) met betrekking tot levensmiddelen.

Opvallend is de verwijzing naar een opdracht uit mei 1935 (No. 1085 L.M., waarbij L.M. staat voor Levensmiddelen), wat duidt op een vastgelegde periodieke rapportageplicht die al jaren van kracht was. De rapportage over december 1938 wordt pas in februari 1939 verstuurd, wat wijst op een administratieve verwerkingstijd van ongeveer anderhalve maand. Het taalgebruik is uiterst hoffelijk en ambtelijk ("heb ik de eer U bygaand te doen toekomen").

Historische Context

Dit document stamt uit de periode vlak voor de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd was de controle op de kwaliteit en eerlijke handel in levensmiddelen een cruciale taak van het gemeentebestuur, uitgevoerd door gespecialiseerde diensten. De wethouder voor Levensmiddelen had een belangrijke politieke rol in de zorg voor de volksgezondheid en de marktordening in de stad (gezien de term "Alhier" betreft het een lokale overheid, zeer waarschijnlijk Amsterdam gezien de herkomst van dergelijke archiefstukken).

De controles konden betrekking hebben op zaken als hygiëne in winkels, de kwaliteit van melk of vlees, of het naleven van gewichten en prijzen. De processen-verbaal duiden op geconstateerde overtredingen waarvoor strafrechtelijke of administratieve vervolging werd ingesteld.

Kooplieden in dit dossier 64

Gerelateerde Documenten 6