Dienstbrief (ambtelijke correspondentie).
Origineel
Dienstbrief (ambtelijke correspondentie). 20 februari 1939. Hoofdbureau van Politie te Amsterdam. Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. [Stempel linksboven in paars]:
№ 72 / 16 / M. 1939 22/2
[Briefhoofd]:
HOOFDBUREAU VAN POLITIE TE AMSTERDAM
Dict.Ru/Mi. AMSTERDAM, 20 Februari 1939.
Lr.S.No. 2009 /1939. (CENTRUM)
Dossier S.l.
Verzoeke bij beantwoording datum, letter en
nummer van dit schrijven aan te halen.
[Handgeschreven aantekening]:
ni. Ingr.
[Inhoud]:
Ingevolge het schrijven van den Wethouder voor de Levens-
middelen, Wasch en Schoonmaak-, Bad- en Zweminrichtingen,
Afdeeling L.M., no. 182/1936, dd. 13 Februari 1936, heb
ik de eer U te berichten, dat in de maand Januari 1939,
door het politiepersoneel 20 processen-verbaal terzake
overtreding van de Ventverordening werden opgemaakt.
Coll.: [Handtekening/Paraaf]
DE HOOFDCOMMISSARIS VAN POLITIE
namens dezen
[Blauwe stempel]: De Commissaris van Politie
Toegevoegd voor de Administratie
[Handtekening]: P. Houben
24-2-39
[Paraaf]
[Adres]:
Aan den Heer Directeur van het
Marktwezen,
ALHIER. Het document is een formele kennisgeving van de Amsterdamse politie aan de afdeling Marktwezen. De kern van de boodschap is een statistische rapportage: in de maand januari 1939 zijn er 20 processen-verbaal opgemaakt voor overtredingen van de 'Ventverordening' (de regels voor straathandel).
De brief verwijst naar een instructie van de Wethouder voor de Levensmiddelen uit 1936, wat duidt op een vastgelegde administratieve procedure waarbij de politie periodiek rapporteert aan de sector Marktwezen over handhavingsactiviteiten op straat. De opbouw van het document is typisch voor de vooroorlogse bureaucratie, met een sterke nadruk op hiërarchie (ondertekend namens de Hoofdcommissaris) en nauwkeurige archivering (verschillende dossiernummers en stempels). Historische achtergrond: In februari 1939 bevond Nederland zich in de laatste rustige maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De economische crisis van de jaren '30 had geleid tot een toename van informele handel en venten op straat, wat door de gemeente Amsterdam streng gereguleerd werd via de Ventverordening om wildgroei en oneerlijke concurrentie met winkeliers te voorkomen.
Institutionele context:
* Marktwezen: De gemeentelijke dienst verantwoordelijk voor het beheer van markten en de uitgifte van vergunningen voor straathandel.
* Wethouder voor Levensmiddelen, Wasch en Schoonmaak enz.: Deze uitgebreide portefeuille laat zien hoe diep de gemeentelijke bemoeienis met de volksgezondheid en het dagelijks leven in die tijd ging.
* Ventverordening: Deze verordening bepaalde waar, wanneer en wat er op straat verkocht mocht worden. De politie was de uitvoerende macht die toezag op de naleving hiervan. De 20 processen-verbaal in één maand duiden op een actieve controle in de Amsterdamse binnenstad. P. Houben Gemeente Amsterdam Hoofdbureau Marktwezen Politie