Archief 745
Inventaris 745-297
Pagina 311
Dossier 109
Jaar 1939
Stadsarchief

Handgeschreven brief (klacht/verzoekschrift).

17 mei 1939 (gebaseerd op potloodaantekening en stempelnummer). Van: Een anonieme "onderdanige dienaar", vermoedelijk een marktkoopman of winkelier in het centrum van Amsterdam die zich benadeeld voelt door oneerlijke concurrentie.

Origineel

Handgeschreven brief (klacht/verzoekschrift). 17 mei 1939 (gebaseerd op potloodaantekening en stempelnummer). Een anonieme "onderdanige dienaar", vermoedelijk een marktkoopman of winkelier in het centrum van Amsterdam die zich benadeeld voelt door oneerlijke concurrentie. [Stempel/kop:]
№ 72 / 25 / M. 1039
[Potloodaantekening:] 17 / 5 7 uur mei hup?

[Tekst:]
Dewijl ik u al eenigemaale heef geschreefen
over een persoon die een goede staand plaats
heeft in Zuid en een vent vergunning heeft
van zuid en nu elken week in sentrum
de heele boel stuk maakt om de koopliede
van sentrum te benadeele en daar geen
controle op gehoude word door u conteleurs
zoo hoop ik dat u daar andere maatregelinge
zult voor nemen hij komt alle weeke op vrijdag
morgen tegen half tien en tien uur in
de Lepelstraat en prinschegracht en etc Riddergracht
de persoon waar ik om schrijf is eene
vreeland woonende Nieuwe Kerkstraat
mijn heer wanneer het blijkt dat op mijn
schrijven geen nota genomen word zoo zal
ik verplicht zijn mij op een andere manier
hulp te verschafte maar ik hoop dat dit niet
noodig zal zijn
Bij voor baat mijn dank
u onderdanige dienaar

[Rechtsonder:] 72 * Afzender: Een anonieme "onderdanige dienaar", vermoedelijk een marktkoopman of winkelier in het centrum van Amsterdam die zich benadeeld voelt door oneerlijke concurrentie.
* Geadresseerde: Waarschijnlijk de marktmeester, de politie of een gemeentelijke instantie belast met markttoezicht in Amsterdam.
* Inhoud: De schrijver beklaagt zich over een zekere "Vreeland" uit de Nieuwe Kerkstraat. Deze persoon heeft een vaste standplaats en ventvergunning voor stadsdeel Zuid, maar verkoopt elke vrijdagochtend illegaal zijn waren in het centrum (Lepelstraat, Prinsengracht, Riddergracht).
* Toon: Frustratie en een lichte dreiging. De schrijver geeft aan dat eerdere brieven niet hebben geholpen en waarschuwt dat hij "op een andere manier" hulp zal zoeken als er nu geen actie wordt ondernomen.
* Taalgebruik: De brief bevat diverse spellingsfouten en dialectinvloeden (bijv. heef i.p.v. heeft, sentrum, conteleurs i.p.v. controleurs, maatregelinge). Het gebruik van "Dewijl" en de formele afsluiting duiden op een poging tot officiële correspondentie door iemand met beperkte formele scholing. De brief dateert uit mei 1939, een periode van economische spanning vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In Amsterdam waren de regels voor ventvergunningen streng gescheiden per stadsdeel om lokale kooplieden te beschermen. De genoemde straten (Lepelstraat, Nieuwe Kerkstraat) bevonden zich in de toenmalige Jodenbuurt/Centrum-Oost, een gebied met veel handel en markten. De klacht weerspiegelt de felle concurrentiestrijd tussen ambulante handelaren in die tijd en de druk op de handhaving door de gemeente. Politie

Samenvatting

  • Afzender: Een anonieme "onderdanige dienaar", vermoedelijk een marktkoopman of winkelier in het centrum van Amsterdam die zich benadeeld voelt door oneerlijke concurrentie.
  • Geadresseerde: Waarschijnlijk de marktmeester, de politie of een gemeentelijke instantie belast met markttoezicht in Amsterdam.
  • Inhoud: De schrijver beklaagt zich over een zekere "Vreeland" uit de Nieuwe Kerkstraat. Deze persoon heeft een vaste standplaats en ventvergunning voor stadsdeel Zuid, maar verkoopt elke vrijdagochtend illegaal zijn waren in het centrum (Lepelstraat, Prinsengracht, Riddergracht).
  • Toon: Frustratie en een lichte dreiging. De schrijver geeft aan dat eerdere brieven niet hebben geholpen en waarschuwt dat hij "op een andere manier" hulp zal zoeken als er nu geen actie wordt ondernomen.
  • Taalgebruik: De brief bevat diverse spellingsfouten en dialectinvloeden (bijv. heef i.p.v. heeft, sentrum, conteleurs i.p.v. controleurs, maatregelinge). Het gebruik van "Dewijl" en de formele afsluiting duiden op een poging tot officiële correspondentie door iemand met beperkte formele scholing.

Historische Context

De brief dateert uit mei 1939, een periode van economische spanning vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In Amsterdam waren de regels voor ventvergunningen streng gescheiden per stadsdeel om lokale kooplieden te beschermen. De genoemde straten (Lepelstraat, Nieuwe Kerkstraat) bevonden zich in de toenmalige Jodenbuurt/Centrum-Oost, een gebied met veel handel en markten. De klacht weerspiegelt de felle concurrentiestrijd tussen ambulante handelaren in die tijd en de druk op de handhaving door de gemeente.

Producten

Huishoudelijk: Pan Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Politie

Kooplieden in dit dossier 64

Gerelateerde Documenten 6