Getypte brief / ambtelijk rapport.
Origineel
Getypte brief / ambtelijk rapport. 26 Mei 1939. 72/34/2 M vP/G.
Extra
26 Mei 1939.
Staat inzake contrôle op
naleving Ventverordening.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Met mijn brief d.d. 29 April jl. (No. 72/30/1 M)
deed ik U een overzicht toekomen van de gehouden contrôles
en de gemaakte processen-verbaal inzake de Ventverordening
over de maand Februari 1939. Overeenkomstig Uw opdracht heb
ik thans de eer U met betrekking tot de op dien staat ver-
melde gegevens het navolgende te berichten.
In Januari 1939 werden 47 processen-verbaal opge-
maakt terzake van het venten zonder vergunning; deze pro-
cessen-verbaal betroffen 43 personen, waarvan 41 éénmaal en
2 drie maal werden geverbaliseerd. De 79 processen-verbaal
terzake van het venten zonder vergunning in Februari 1939
betroffen 63 personen, waarvan 53 éénmaal, 5 twee maal, 4
drie maal en 1 vier maal werden geverbaliseerd.
Naar aanleiding van Uw vraag, of naar het oordeel
van de dienstdoende contrôleurs het motief, dat vaste klan-
ten wordt bediend, weshalve geen ventvergunning noodig zou
zijn, in den regel als juist moet worden erkend, diene, dat
de bedoelde vraag in het algemeen bevestigend wordt beant-
woord. Inderdaad wordt door de bedoelde kooplieden hoofdza-
kelyk aan vaste klanten verkocht, hoewel uiteraard vast
staat, dat geen enkele koopman zal weigeren om te verkoopen
aan iemand, die niet tot zijn klanten behoort.
Wanneer het laatstbedoelde verkoopen het karakter
van "venten" heeft, is wel eens verbaliseerend tegen een
dergelyken koopman opgetreden. In den regel geeft de wyze Dit document is een verslaglegging van de handhaving van de lokale Ventverordening in het voorjaar van 1939. De kern van de rapportage betreft de statistieken van processen-verbaal in januari en februari van dat jaar, waarbij opvalt dat het aantal overtredingen in februari (79) aanzienlijk hoger lag dan in januari (47).
Een interessant juridisch-bestuurlijk aspect in de tekst is de discussie over wat "venten" precies inhoudt. De handelaren voerden aan dat zij geen vergunning nodig hadden omdat zij enkel vaste klanten bedienden (bezorging). De controleurs bevestigen dat dit vaak de hoofdzakelijke activiteit is, maar stellen dat er wordt opgetreden zodra de verkoop aan derden (niet-klanten) het karakter van straathandel (venten) aanneemt. Het document is geschreven op 26 mei 1939, een periode waarin de Nederlandse overheid de economische activiteit en straathandel streng reguleerde, mede door de aanhoudende gevolgen van de economische crisis van de jaren '30. De brief is gericht aan de Wethouder voor de Levensmiddelen, een specifieke portefeuille die in die tijd vaak belast was met de marktordening en de distributie van schaarse goederen. De spelling vertoont de typische kenmerken van voor de oorlog (zoals de 'y' in plaats van 'ij' in woorden als hoofdzakelyk en dergelyken, en de verbuigingen zoals den Heer). De terminologie "ventvergunning" is tot op de dag van vandaag herkenbaar in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van veel gemeenten.