Archief 745
Inventaris 745-298
Pagina 18
Dossier 55
Jaar 1939
Stadsarchief

Archiefdocument

19 mei 1939. Van: De Directeur (vermoedelijk van het Marktwezen), Amsterdam. Aan: Den Heer J. van Linda, Zwanenburgerstraat 24 III, Amsterdam-Centrum (Wijk 2).

Origineel

19 mei 1939. De Directeur (vermoedelijk van het Marktwezen), Amsterdam. Den Heer J. van Linda, Zwanenburgerstraat 24 III, Amsterdam-Centrum (Wijk 2). [Linksboven:]
72/38/2 M

[Rechtsboven:]
W. Müller
VP/G.

[Rechtsonder de referentie:]
19 Mei 1939.

[Adresblok:]
den Heer J.van Linda,
Zwanenburgerstraat 24 III
Amsterdam-Centrum.
Wyk 2.

[Inhoud:]
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 11 dezer bericht
ik U, dat Uw ventvergunning niet behoeft te worden vernieuwd
gedurende den tyd, dat zy by den Dienst voor Maatschappely-
ken Steun in bewaring is. Zoodra de ondersteuning echter zal
zyn geëindigd en U de vergunning weder van voornoemden
Dienst zult hebben ontvangen, dient U zich daarmede ten kan-
tore van het Marktwezen te vervoegen, opdat verlenging
plaatsvindt.

[Rechtsonder:]
De Directeur, Deze brief is een formele kennisgeving van de Amsterdamse gemeentelijke overheid aan een burger. De kern van de boodschap is dat de heer J. van Linda zijn ventvergunning (een vergunning om goederen op straat te verkopen) niet hoeft te verlengen zolang hij financiële ondersteuning ontvangt van de "Dienst voor Maatschappelyken Steun".

De vergunning is gedurende deze periode in bewaring gegeven bij die dienst. Dit was een gangbare procedure: wie van de steun trok, mocht vaak niet officieel werken of handel drijven, en de vergunning werd als onderpand of controlemiddel ingenomen. Zodra de ondersteuning stopt, moet de geadresseerde zijn vergunning terughalen en zich melden bij de afdeling Marktwezen om de vergunning formeel te laten verlengen. De handtekening bovenaan, "W. Müller", duidt waarschijnlijk op de verantwoordelijke ambtenaar of directeur. De brief dateert van mei 1939, een periode van grote economische spanning en aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. De Dienst voor Maatschappelijke Steun was de voorloper van de huidige sociale dienst in Amsterdam. Tijdens de economische crisis van de jaren '30 waren veel Amsterdammers afhankelijk van deze "steun".

Het adres, Zwanenburgerstraat 24, lag midden in de Amsterdamse Jodenbuurt (een wijk die later in de oorlog grotendeels zou worden gesloopt). Uit archiefonderzoek blijkt dat Isaac van Linda op dit adres woonde. Voor veel Joodse Amsterdammers was de straathandel (venten) een belangrijke bron van inkomsten, maar door de crisis en de strenge regelgeving rondom de steunverlening was dit vaak een precair bestaan. Dit document illustreert de strikte bureaucratische controle op kleine zelfstandigen die afhankelijk waren van publieke middelen. J. van Linda Marktwezen

Samenvatting

Deze brief is een formele kennisgeving van de Amsterdamse gemeentelijke overheid aan een burger. De kern van de boodschap is dat de heer J. van Linda zijn ventvergunning (een vergunning om goederen op straat te verkopen) niet hoeft te verlengen zolang hij financiële ondersteuning ontvangt van de "Dienst voor Maatschappelyken Steun".

De vergunning is gedurende deze periode in bewaring gegeven bij die dienst. Dit was een gangbare procedure: wie van de steun trok, mocht vaak niet officieel werken of handel drijven, en de vergunning werd als onderpand of controlemiddel ingenomen. Zodra de ondersteuning stopt, moet de geadresseerde zijn vergunning terughalen en zich melden bij de afdeling Marktwezen om de vergunning formeel te laten verlengen. De handtekening bovenaan, "W. Müller", duidt waarschijnlijk op de verantwoordelijke ambtenaar of directeur.

Historische Context

De brief dateert van mei 1939, een periode van grote economische spanning en aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. De Dienst voor Maatschappelijke Steun was de voorloper van de huidige sociale dienst in Amsterdam. Tijdens de economische crisis van de jaren '30 waren veel Amsterdammers afhankelijk van deze "steun".

Het adres, Zwanenburgerstraat 24, lag midden in de Amsterdamse Jodenbuurt (een wijk die later in de oorlog grotendeels zou worden gesloopt). Uit archiefonderzoek blijkt dat Isaac van Linda op dit adres woonde. Voor veel Joodse Amsterdammers was de straathandel (venten) een belangrijke bron van inkomsten, maar door de crisis en de strenge regelgeving rondom de steunverlening was dit vaak een precair bestaan. Dit document illustreert de strikte bureaucratische controle op kleine zelfstandigen die afhankelijk waren van publieke middelen.

Genoemde Personen 1

Locaties

Amsterdam Nederland.

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit Huishoudelijk: Pan Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 43

Bur.v.Maatsch.Steun 654
Bur.v.Maatsch.Steun 708
C.H.J. Langkemper Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
E. Korthoef Geen schuld.
A. Leeseman Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
G.G.D. In " 2.003,90
G.G.D. In " 3.707,50
G.G.D. In " 827,50
Gebouwen, op of tegen " 1.250,--
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
H.J. Vonk Ventgeld ƒ 1,40 over October en November 1937.
J.G. Kuyten Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
Alle 43 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1