Handgeschreven klachtenbrief.
Origineel
Handgeschreven klachtenbrief. Nº 72/72/11. 1239 22/8 [stempel]
v.i. Insp [handgeschreven]
Geachte Heer
Directeur
Zou er niet beter
controle uitgeoefend
kunnen worden op
Straathof Jr. die steeds
zonder vergunning
blijft roepen, en een verdiens-
te van tusschen 30 en 40
gld in de wacht sleept.
Terwijl wij huisvaders met
vergunning het brood daar
niet kunnen verdienen, in
de wijk Zaandammerplein-
en omstreken.
Zelfs is hij op goeden voet met enkele
controleurs, die terug gaan als
hij hem hooren schreeuwen.
Wij huisvaders betalen vergunning,
belasting enz. en verdienen
geen droog brood, hij daarentegen
verdient een dikke boterham. De schrijver van de brief, die spreekt namens een groep legale "huisvaders" (kostwinners), beklaagt zich over een zekere "Straathof Jr.". Deze persoon drijft zonder de vereiste vergunning handel op straat in de omgeving van het Zaandammerplein.
De kern van de klacht is economische ongelijkheid: terwijl de vergunninghouders kosten maken voor leges en belastingen en nauwelijks kunnen rondkomen ("geen droog brood verdienen"), behaalt de illegale verkoper een aanzienlijke winst van 30 tot 40 gulden (een "dikke boterham").
Bovendien insinueert de briefschrijver corruptie of plichtsverzuim bij de handhaving. Hij stelt dat de illegale verkoper op goede voet staat met bepaalde controleurs, die rechtsomkeert zouden maken zodra zij hem horen venten ("schreeuwen"), in plaats van in te grijpen. Dit document biedt een inkijkje in de sociaaleconomische verhoudingen in Amsterdam (waarschijnlijk in de eerste helft van de 20e eeuw, gezien het handschrift en de genoemde bedragen). Het Zaandammerplein ligt in de Spaarndammerbuurt, een typische arbeiderswijk.
Straathandel was in deze periode streng gereguleerd. Men had een vergunning van het 'Marktwezen' nodig om goederen uit te mogen roepen of te venten. Voor veel arbeidersgezinnen was de straathandel een cruciale bron van inkomsten. De frustratie over "beunhazen" die de regels ontdoken en de markt verziekten, leidde vaker tot dergelijke smeekbeden aan de autoriteiten (de "Heer Directeur" van de politie of de marktdienst). De gebruikte metaforen "droog brood" versus een "dikke boterham" illustreren de bittere ernst van de broodroof waarover wordt geklaagd.