Afschrift van een officiële vergunning.
Origineel
Afschrift van een officiële vergunning. 1939. No. 72/84/3 M. 1939 AFSCHRIFT.
No. 50/282 A.Z. 1939.
3934 Br.
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
Gezien een adres van L.M. Leers, daarbij vergunning verzoekende
tot het venten met patates frites op den openbaren weg;
Overwegende, dat het blijkens onderzoek de bedoeling is, op
een driewielige bakfiets een petroleumvergasser op te stellen voor het
bakken van patates frites, bestemd voor den verkoop op den openbaren
weg;
Gelet op art. 265, eerste lid, in verband met artikel 5, eerste
lid der Algemeene Politieverordening van Amsterdam;
Geven L.M. Leers, wonende Eerste Jan Steenstraat 129 III (Zuid)
alhier, te kennen, dat zijn bovenomschreven verzoek wordt toegestaan,
onder voorwaarde:
1. dat de bakinrichting niet is opgesteld binnen een afstand van 20 m
van garages of benzinepompen;
2. dat het petroleumtoestel is voorzien van een gesloten reservoir;
3. dat het petroleumtoestel is geplaatst in een ijzeren bak met op-
staanden rand van zoodanige hoogte, dat de inhoud van den bak tenminste
3 x zoo groot is als de inhoud van het reservoir van het petroleumtoe-
stel en genoemde bak voor 2=3 gedeelte is gevuld met droog zand.
4. dat het geheel is omgeven van een metalen bescherming van voldoende
hoogte.
5. dat in de nabijheid van de bakinrichtingen steeds een metalen deksel
van voldoende grootte aanwezig is, om de bakpan bij het in brand geraken
van den inhoud te kunnen afdekken;
6. dat het petroleumreservoir geen grooteren inhoud heeft dan 10 l.;
7. dat de druk in het petroleumreservoir niet meer bedraagt dan 2 kg/cm2
8. dat het [doorgehaald] petroleumreservoir is voorzien van een deugdelijk
werkend veiligheidsventiel, dat bij een druk van ten hoogste 2 kg/cm2
in werking treedt;
9. dat het reservoir is voorzien van een deugdelijk werkenden manometer;
10. dat de brandstofleiding bestaat uit naadlooze [doorgehaald] stalen of koperen
pijpen;
11. dat in de brandstoftoevoerleiding naar den brander, onmiddellijk aan
het reservoir, een afsluiter is aangebracht, waardoor de toevoer van
vloeibare brandstof naar den brand kan worden stopgezet.
12. dat de onderdeelen der installatie op deugdelijke wijze tegen me-
chanische beschadiging zijn beschermd;
13. dat de voorraad petroleum niet meer bedraagt dan 10 l en is geborgen
in een goed gesloten, metalen bus;
14. dat op de bakfiets steeds een hoeveelheid van ten minste 25 dm3 droog
zand met een doelmatige zandschop aanwezig is.
z.o.z.
--- Dit document is een officiële vergunning uit 1939, afgegeven door de gemeente Amsterdam aan de heer L.M. Leers. De vergunning staat hem toe om "patates frites" te verkopen op de openbare weg vanuit een driewielige bakfiets.
Wat opvalt is de zeer gedetailleerde lijst van veertien veiligheidsvoorschriften. Omdat de bakfiets was uitgerust met een "petroleumvergasser" (een type brander dat onder druk werkt), was het brandgevaar aanzienlijk. De voorwaarden richten zich op:
* Brandpreventie: Afstand houden van tankstations (20 meter) en het gebruik van zand als blusmiddel.
* Technische eisen: Eisen aan de brandstoftanks (maximaal 10 liter), de druk (maximaal 2 kg/cm2), en de kwaliteit van de leidingen (naadloos staal of koper).
* Blusmiddelen: De verplichting om een metalen deksel en 25 liter droog zand met een schop bij de hand te hebben voor het geval de vetpan in brand zou vliegen.
Onderaan staat "z.o.z." (zie ommezijde), wat suggereert dat er op de achterkant nog meer voorwaarden of informatie stonden.
--- In 1939, aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog, was de bakfiets een essentieel transportmiddel voor kleine ondernemers in Amsterdam. De opkomst van de "patates frites" als populaire straatsnack vereiste nieuwe regelgeving, aangezien het koken met heet vet en brandbare stoffen op straat risico's met zich meebracht voor de openbare veiligheid.
De Algemeene Politieverordening (APV) van Amsterdam werd gebruikt om deze nieuwe vormen van straathandel te reguleren. Het document illustreert de overgangsperiode waarin de stad enerzijds moderne gemakken (zoals frites) toeliet, maar tegelijkertijd een strikt bureaucratisch toezicht hield op de veiligheid van de burgers. Het gebruik van petroleum als brandstof was destijds gangbaar voordat gasflessen of elektriciteit algemeen beschikbaar en veilig genoeg waren voor mobiel gebruik.