Archief 745
Inventaris 745-298
Pagina 296
Dossier 76
Jaar 1939
Stadsarchief

Handgeschreven conceptverslag of ambtelijk advies met uitgebreide correcties, doorhalingen en marginalia.

Origineel

Handgeschreven conceptverslag of ambtelijk advies met uitgebreide correcties, doorhalingen en marginalia. (N.B. Doorgestreepte tekst is weergegeven als ~~tekst~~, toevoegingen boven de regel of in de marge zijn tussen [ ] geplaatst.)

3) [Aangezien het transportbedrijf dan grotendeels stilstaat.]
Ik meen [overigens] ~~sterk~~ te moeten betwijfelen ~~Ik laat thans nog buiten beschouwing~~ of de Jan Evertsenstraat wel als marktstraat geschikt is, speciaal wanneer daar dagelijks markt zou zijn. [evenals elders in de stad] Des Zaterdags is het verkeer in die straat, [althans na des middags 12 uur] veel geringer dan op andere werkdagen. ~~Het mij is bekend~~ [Mij is bekend], dat de ~~Hoofd~~ Politie ~~ernstige~~ verkeersbezwaren zou hebben, ~~wanneer~~ [indien] in de Jan Evertsenstraat dagelijks een markt zou moeten worden gehouden [en dat deze bezwaren zich ook tegen verleening van vaste standplaatsen willen verzetten.]

Dat verscheidene winkeliers in die straat van een dagmarkt schade zouden ondervinden, kan ik verder buiten beschouwing laten, nu de ~~toestanden~~ bovenvermelde argumenten m.i. elk voor zich reeds afdoende zijn, om ~~niet~~ het onderhavige verzoek uit de hand te wijzen. Ik merk ten aanzien van de winkeliers slechts op, dat het feit, dat zij op een door adressante overgelegde lijst teekenden, weinig zegt, omdat vele winkeliers – speciaal in een ~~buurt~~ [wijk] als West – hun klanten niet durven te ontstemmen door een afwijzend standpunt tegenover een verzoek van renters in te nemen.

[In de linkermarge, verticaal geschreven:]
Ad 4: daargelaten de vraag of de vestiging van een dagmarkt in een drukbezochte winkelstraat gewenscht is, verzetten zich verkeersbezwaren tegen vestiging in een zoodanige markt in de Jan Evertsenstraat, op grond van de bovenvermelde motieven, niet voor inwilliging in aanmerking kan komen.


[Nieuwe paragraaf, onder de streep:]

Resumerende heb ik de eer U te berichten, dat inwilliging van het onderhavige verzoek m.i. niet kan worden overwogen, ~~en dat de zaak een behandeling in de Permanente Commissie van Advies inzake marktwezen~~ [en dat de Commissie van Advies voor de Markten niet kan aanbevelen] op grond van de navolgende motieven:

1e formeel missen B. en W. de bevoegdheid om een markt uitsluitend voor een bepaalde groep van handelaren te bestemmen;
2e voor een markt in de Jan Evertsenstraat op andere werkdagen dan des Zaterdags, bestaat voor het overgrote deel der renters in West geen behoefte; ~~terwijl de instelling~~
3e de instelling van een dergelijke markt zou groote kosten voor de dienst van het Marktwezen veroorzaken, die in verband met het sub 2e aangevoerde niet verantwoord zouden zijn. Het document is een ambtelijk pre-advies of concept-besluit gericht aan het College van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. De kern van het geschil is een verzoek (waarschijnlijk van een belangenvereniging van marktkooplieden of 'renters') om in de Jan Evertsenstraat een dagmarkt in te stellen, in plaats van de reeds bestaande zaterdagmarkt.

De opsteller van het stuk adviseert negatief. De belangrijkste argumenten zijn:
1. Verkeersveiligheid: De Jan Evertsenstraat is op doordeweekse dagen te druk voor een markt; alleen op zaterdagmiddag is het verkeer rustig genoeg. De politie heeft hiertegen expliciet bezwaar gemaakt.
2. Sociaal-economische druk: Hoewel winkeliers een petitie vóór de markt hebben getekend, stelt de ambtenaar dat zij dit enkel deden uit angst voor hun klandizie (de 'renters' of marktgangers), niet uit oprechte overtuiging.
3. Juridische beperking: Het college mag geen markt instellen die exclusief voor één groep handelaren is gereserveerd.
4. Financiële onhaalbaarheid: De kosten voor de gemeentelijke Marktdienst wegen niet op tegen de geringe behoefte bij het publiek. De Jan Evertsenstraat in Amsterdam-West ontwikkelde zich in de jaren '20 en '30 van de vorige eeuw tot een belangrijke doorgaande verkeersader en winkelstraat. In de naoorlogse periode (waarin dit document vermoedelijk geplaatst moet worden) nam de druk op de openbare ruimte toe door de groeiende automobiliteit.

Dit document illustreert de voortdurende spanning in stedelijke planning tussen drie belangen: de ambulante handel (de markt), de gevestigde middenstand (winkeliers) en de verkeersdoorstroming. De verwijzing naar "renters" is interessant; dit was een term voor mensen die een kraam of staanplaats huurden. De suggestie dat winkeliers onder druk werden gezet door hun eigen klantenbestand geeft een inkijkje in de sociale verhoudingen in de Amsterdamse volkswijken van die tijd. Uiteindelijk is de Jan Evertsenstraat nooit een permanente dagmarktlocatie geworden, mede door de hier geformuleerde bezwaren. N.B. Doorgestreepte Marktwezen Politie

Samenvatting

Het document is een ambtelijk pre-advies of concept-besluit gericht aan het College van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. De kern van het geschil is een verzoek (waarschijnlijk van een belangenvereniging van marktkooplieden of 'renters') om in de Jan Evertsenstraat een dagmarkt in te stellen, in plaats van de reeds bestaande zaterdagmarkt.

De opsteller van het stuk adviseert negatief. De belangrijkste argumenten zijn:
1. Verkeersveiligheid: De Jan Evertsenstraat is op doordeweekse dagen te druk voor een markt; alleen op zaterdagmiddag is het verkeer rustig genoeg. De politie heeft hiertegen expliciet bezwaar gemaakt.
2. Sociaal-economische druk: Hoewel winkeliers een petitie vóór de markt hebben getekend, stelt de ambtenaar dat zij dit enkel deden uit angst voor hun klandizie (de 'renters' of marktgangers), niet uit oprechte overtuiging.
3. Juridische beperking: Het college mag geen markt instellen die exclusief voor één groep handelaren is gereserveerd.
4. Financiële onhaalbaarheid: De kosten voor de gemeentelijke Marktdienst wegen niet op tegen de geringe behoefte bij het publiek.

Historische Context

De Jan Evertsenstraat in Amsterdam-West ontwikkelde zich in de jaren '20 en '30 van de vorige eeuw tot een belangrijke doorgaande verkeersader en winkelstraat. In de naoorlogse periode (waarin dit document vermoedelijk geplaatst moet worden) nam de druk op de openbare ruimte toe door de groeiende automobiliteit.

Dit document illustreert de voortdurende spanning in stedelijke planning tussen drie belangen: de ambulante handel (de markt), de gevestigde middenstand (winkeliers) en de verkeersdoorstroming. De verwijzing naar "renters" is interessant; dit was een term voor mensen die een kraam of staanplaats huurden. De suggestie dat winkeliers onder druk werden gezet door hun eigen klantenbestand geeft een inkijkje in de sociale verhoudingen in de Amsterdamse volkswijken van die tijd. Uiteindelijk is de Jan Evertsenstraat nooit een permanente dagmarktlocatie geworden, mede door de hier geformuleerde bezwaren.

Genoemde Personen 1

N.B. Doorgestreepte

Locaties

Amsterdam (Jan Evertsenstraat Amsterdam-West).

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Pan Kruidenier (Droog): Meel Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Pet Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen Politie

Kooplieden in dit dossier 43

Bur.v.Maatsch.Steun 654
Bur.v.Maatsch.Steun 708
C.H.J. Langkemper Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
E. Korthoef Geen schuld.
A. Leeseman Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
G.G.D. In " 2.003,90
G.G.D. In " 3.707,50
G.G.D. In " 827,50
Gebouwen, op of tegen " 1.250,--
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
H.J. Vonk Ventgeld ƒ 1,40 over October en November 1937.
J.G. Kuyten Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
Alle 43 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1