Handgeschreven ambtelijke notitie/concept.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie/concept. 18 oktober 1938. [Bovenaan, deels doorgehaalde conceptregels:]
Wat de in de Jan Evertsenstraat bestaande
moeilijkheden met venters betreft dien[...], dat
[Hoofdtekst:]
Ik moge aan Uw beter oordeel overlaten,
of het wenschelijk is, de in de Jan Evertsenstraat
[doorgestreept] bestaande moeilijkheden aan de orde
te stellen in de Permanente Commissie van
Advies inzake ventvergunningen. [doorgestreepte tekst]
[Paraaf: D.J. of J.J.]
18-10.38 amp. * Inhoud: Het document is een kort advies of een vraag van een ambtenaar aan een superieur. Het betreft de problematiek rondom 'venters' (straatverkopers) in de Jan Evertsenstraat. De schrijver vraagt zich af of deze specifieke lokale problemen besproken moeten worden in een gespecialiseerde adviescommissie voor ventvergunningen.
* Schrijfstijl: De toon is uiterst formeel en ambtelijk, kenmerkend voor de vroege 20e eeuw ("Ik moge aan Uw beter oordeel overlaten").
* Staat van het document: Het lijkt op een kladje of een interne memo. De doorhalingen wijzen op een zorgvuldige formulering van het ambtelijke voorstel. De afkorting "amp." bij de datum kan wijzen op een administratieve markering of de initialen van een klerk. * Jan Evertsenstraat: In 1938 was de Jan Evertsenstraat een relatief jonge maar zeer drukke winkelstraat in het uitbreidingsplan Amsterdam-West (Bos en Lommer/De Baarsjes).
* Ventersproblematiek: In de jaren '30 was er in Amsterdam veel spanning tussen gevestigde winkeliers en ambulante handelaren (venters). Winkeliers klaagden vaak over oneerlijke concurrentie en obstructie van de stoep door ventkarren. De gemeente probeerde dit te reguleren via een strikt vergunningenstelsel en de genoemde "Permanente Commissie van Advies inzake ventvergunningen".
* Tijdsbeeld: De notitie stamt uit de late crisisjaren, net voor de Tweede Wereldoorlog, een periode waarin de strijd om de openbare ruimte en de lokale handel scherp gevoerd werd. De commissie fungeerde als een filter om de orde op straat te handhaven en economische belangen af te wegen.
Samenvatting
- Inhoud: Het document is een kort advies of een vraag van een ambtenaar aan een superieur. Het betreft de problematiek rondom 'venters' (straatverkopers) in de Jan Evertsenstraat. De schrijver vraagt zich af of deze specifieke lokale problemen besproken moeten worden in een gespecialiseerde adviescommissie voor ventvergunningen.
- Schrijfstijl: De toon is uiterst formeel en ambtelijk, kenmerkend voor de vroege 20e eeuw ("Ik moge aan Uw beter oordeel overlaten").
- Staat van het document: Het lijkt op een kladje of een interne memo. De doorhalingen wijzen op een zorgvuldige formulering van het ambtelijke voorstel. De afkorting "amp." bij de datum kan wijzen op een administratieve markering of de initialen van een klerk.
Historische Context
- Jan Evertsenstraat: In 1938 was de Jan Evertsenstraat een relatief jonge maar zeer drukke winkelstraat in het uitbreidingsplan Amsterdam-West (Bos en Lommer/De Baarsjes).
- Ventersproblematiek: In de jaren '30 was er in Amsterdam veel spanning tussen gevestigde winkeliers en ambulante handelaren (venters). Winkeliers klaagden vaak over oneerlijke concurrentie en obstructie van de stoep door ventkarren. De gemeente probeerde dit te reguleren via een strikt vergunningenstelsel en de genoemde "Permanente Commissie van Advies inzake ventvergunningen".
- Tijdsbeeld: De notitie stamt uit de late crisisjaren, net voor de Tweede Wereldoorlog, een periode waarin de strijd om de openbare ruimte en de lokale handel scherp gevoerd werd. De commissie fungeerde als een filter om de orde op straat te handhaven en economische belangen af te wegen.