Handgeschreven concept of ambtelijke notitie.
Origineel
Handgeschreven concept of ambtelijke notitie. 3) Bij die organisaties was men
oordeel, dat niet tot vestiging van
een algemeene weekmarkt behoort
te worden overgegaan. De door dit
afwijzend standpunt aangevoerde
gronden, die door mij als juist
zijn aanvaard, gelden a fortiori
nu het om vestiging van een
algemeene dagmarkt gaat. Het
[doorgestreept: verder] lijkt mij dienstig deze
gronden hier andermaal uiteen te
zetten. [doorgestreept: De instelling der Zaterdagmarkt]
De instelling der Zaterdagmarkt
aan de Jan Evertsenstraat heeft haar oorsprong
gevonden in het feit, dat des Zaterdags
(en niet op de overige werkdagen) aldaar
verscheidene venters met levensmiddelen
en bloemen plachten tesamen te komen.
Werd hier [doorgestreept: thans] een groote algemeene
dagmarkt gevestigd, dan zou dit
ongetwijfeld ernstige protesten van den
winkelstand uitlokken. Er bestaat
m.i. te minder aanleiding dit te De tekst is een ambtelijk betoog tegen de uitbreiding van markten in een specifieke straat. De auteur hanteert een formele, juridisch getinte stijl (gebruik van termen als "a fortiori" en "m.i." - mijns inziens).
De kern van het argument is tweeledig:
1. Historische grondslag: De huidige zaterdagmarkt op de Jan Evertsenstraat is organisch ontstaan omdat venters daar van nature op zaterdag samenkwamen. Dit rechtvaardigt volgens de schrijver echter geen permanente dagmarkt.
2. Economisch conflict: De auteur vreest dat een grote algemene dagmarkt de belangen van de gevestigde "winkelstand" (lokale winkeliers) zal schaden, wat tot protesten zal leiden.
De onderstrepingen in de tekst (zoals "weekmarkt", "dagmarkt", "niet" en "algemeene dagmarkt") duiden op de nadruk die de auteur legt op het onderscheid tussen incidentele marktactiviteiten en een permanente herinrichting van de openbare ruimte. Dit document heeft waarschijnlijk betrekking op de ruimtelijke ordening en marktregulering in Amsterdam-West in het midden van de 20e eeuw (mogelijk jaren '30 tot '50, gezien de spelling en de ontwikkeling van de Jan Evertsenstraat).
De Jan Evertsenstraat was een belangrijke winkelstraat in de toen nieuwe wijken van Amsterdam-West. In deze periode was er een voortdurende spanning tussen de ambulante handel (marktkooplieden) en de vaste winkeliers, die de markt als oneerlijke concurrentie beschouwden. De discussies over de "markt op de Jan Eef" zijn een bekend onderdeel van de lokale Amsterdamse geschiedenis, waarbij uiteindelijk de marktactiviteiten werden gereguleerd om de doorgang en de belangen van winkeliers te waarborgen.