Getypte notulen van een vergadering.
Origineel
Getypte notulen van een vergadering. -8-
lingmeester" te vervangen door "veilingdirectie".
De Commissie kan zich hiermede eveneens vereenigen.
De Voorzitter stelt vervolgens punt 4 der agenda aan de orde:
Voortzetting bespreking vraagstuk van het innemen van
"clandestiene"standplaatsen" door venters.
Spreker herinnert eraan, dat dit agendapunt is behandeld
in de vergadering van 23 September jl.; de door hem aan-
gegeven richtlynen zouden door de leden worden overwogen.
De heer Neeter handhaaft zyn standpunt, ingenomen in de vorige vergade-
ring. Spreker ziet de noodzakelykheid van het treffen van
maatregelen momenteel niet in. Wanneer er enkele straten
zyn, waar men met moeilykheden te kampen heeft, moet men
nagaan, welke maatregelen voor die straten noodig zyn.
Het lykt spreker niet gewenscht om richtlynen aan te ge-
ven voor de geheele stad. Spreker wil nog iets zeggen over
het voorstel van den heer Seegers om de Jan Evertsen-
straat tot dagmarkt te maken, speciaal voor de venters
uit West. Spreker is hier sterk tegen. De heer Seegers
heeft by het vorige agendapunt de belangen van de winke-
liers zoo verdedigd; doch zyn er nu plotseling geen be-
zwaren meer voor den winkelstand in de Jan Evertsenstraat?
De winkeliers in deze straat hebben altyd bezwaar gehad
tegen een markt. Daarby komt, dat de Jan Evertsenstraat
als marktstraat niet geschikt is. De instelling van deze
markt voor den Zaterdag is destyds een groote fout ge-
weest. Spreker is van meening, dat er in West voldoende
gelegenheid is om te venten, aan een markt in de Jan
Evertsenstraat bestaat geen behoefte.
De Secretaris heeft, uitgaande van de door den Voorzitter in de vorige
vergadering aangegeven richtlynen, om de moeilykheden met
de overtreders van artikel 344a der Algemeene Politie
Verordening te kunnen oplossen, het volgende gedacht: In
de eerste plaats worde in Amsterdam het aantal ventver-
boden belangryk uitgebreid, byvoorbeeld tot verreweg de
meeste straten waar een tram rydt. Daarnaast worden
echter in deze straten, voor zoover dit, in verband met
de belangen van het verkeer, mogelyk is, standplaatsver- Deze pagina uit een verslag legt een discussie vast over de regulering van straathandel in Amsterdam, vermoedelijk in de jaren '20 of '30 van de 20e eeuw (gelet op de spelling en de context van de tram).
De kernpunten van het debat zijn:
1. Clandestiene standplaatsen: Er wordt gezocht naar een oplossing voor venters die zonder vergunning plekken innemen.
2. Lokaal vs. Stedelijk beleid: De heer Neeter pleit voor een ad-hoc aanpak per straat in plaats van algemene stedelijke richtlijnen. Hij verzet zich specifiek tegen een dagmarkt in de Jan Evertsenstraat, wijzend op de belangen van lokale winkeliers en de ongeschiktheid van de straat.
3. Verkeersveiligheid en Handhaving: De Secretaris stelt een strengere handhaving voor van de Algemeene Politie Verordening (APV), waarbij venten vooral verboden moet worden in straten met tramlijnen om de doorstroming en veiligheid te waarborgen, met uitzondering van specifieke aangewezen plekken. De Jan Evertsenstraat in Amsterdam-West was in de vroege 20e eeuw een belangrijke nieuwe verkeersader in de uitbreidingswijken. De spanning tussen ambulante handel (venters) en gevestigde winkeliers was een constant thema in de stedelijke politiek. Winkeliers betaalden huur en belasting en zagen venters vaak als oneerlijke concurrentie die bovendien de stoepen blokkeerde.
Tegelijkertijd was de opkomst van de elektrische tram cruciaal voor de bereikbaarheid van de stad. De suggestie van de Secretaris om venten te verbieden in tramstraten illustreert de transitie naar een moderne stad waar verkeersdoorstroming belangrijker werd dan traditionele straathandel. Het genoemde artikel 344a van de APV was het instrument waarmee de gemeente probeerde de openbare orde en het gebruik van de openbare weg te reguleren.