Officiële brief/oproeping.
Origineel
Officiële brief/oproeping. 17 mei 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwesen, Amsterdam). Den Heer L. van Emmerik, Vrolikstraat 54, Amsterdam-Oost (Wijk 20). [Rechtsboven, handgeschreven in blauwe inkt:]
M. Müller
[Daaronder getypt:]
G.
[Linksboven getypt:]
85/60/1 M
[Rechts getypt:]
17 Mei 1939.
den Heer L,van Emmerik,
Vrolikstraat 54,
Amsterdam-Oost.
Wyk 20.
Op Zaterdag 13 Mei jl. is geconstateerd, dat op de markt Dapperstraat materiaal, bestemd voor het uitstallen van goederen, dat door U was verhuurd, aanwezig was, zonder dat U hiervoor vergunning is verleend.
In verband hiermede verzoek ik U Vrydag 19 Mei a.s. [19 Mei handmatig onderstreept in blauwe inkt] te mynen kantore, Jan van Galenstraat 14, te komen.
Indien U aan deze oproeping niet zoudt voldoen, zou U niet langer kunnen worden toegestaan, materiaal op de markten te plaatsen.
De Directeur, Deze brief is een officiële waarschuwing en een oproeping (sommatie) aan de heer L. van Emmerik. De kern van het geschil is een overtreding van de marktregels op de Dapperstraatmarkt op 13 mei 1939. Van Emmerik heeft materiaal verhuurd voor het uitstallen van goederen (waarschijnlijk marktkramen of onderdelen daarvan) zonder dat hij daarvoor de vereiste vergunning bezat.
De toon van de brief is formeel en dwingend. Er wordt een directe sanctie gesteld op het niet verschijnen op de afspraak: het ontzeggen van de toegang tot de markten voor het plaatsen van materiaal. Het adres van het kantoor (Jan van Galenstraat 14) correspondeert met de locatie van de Centrale Markthallen in Amsterdam, waar destijds het beheer van de Amsterdamse markten was gevestigd. Het document geeft een inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse straatmarkten vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Dapperstraatmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam. De Dienst van het Marktwezen hield nauwgezet toezicht op wie er zaken mocht doen en welke materialen er gebruikt mochten worden.
Opvallend is de handgeschreven naam "M. Müller" rechtsboven; dit kan een ambtenaar zijn geweest die het dossier behandelde of de persoon die de overtreding heeft geconstateerd. De handmatige onderstreping van "19 Mei" suggereert dat de brief met spoed is behandeld, aangezien de brief op de 17e is verstuurd en de afspraak al twee dagen later plaatsvond. L. van Emmerik Marktwezen