Getypte brief met handgeschreven aantekeningen en paraaf.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven aantekeningen en paraaf. 19 juli 1939. De Directeur (van de Gemeentelijke Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). [Rechtsboven, handgeschreven:] L. Müller [gevolgd door een klein rond paars stempel]
[Rechtsboven, getypt:] G.
85/82/1 M
1
[Diagonaal handgeschreven:] betaald fl. 4.- / 21/7 '39
19 Juli 1939
den Heer S. Abram,
Joden Houttuinen 42a,
Amsterdam-Centrum.
Wyk 2.
In bylage dezes doe ik U een overzicht toekomen van door U verschuldigd standplaatsgeld wegens het plaatsen van kramen. Indien U deze schuld, alsmede hetgeen U op den betaaldag verder aan kramengeld schuldig is, niet uiterlyk Vrydag 21 Juli a.s. betaalt by den kassier te mynen kantore, Jan van Galenstraat 14, zal aan Burgemeester en Wethouders worden voorgesteld, de U verleende vergunning tot het plaatsen van kramen in te trekken. Uw kramen enz. zullen dan niet meer op de markten worden toegelaten; Uw huurders zullen dan verplicht zyn hun kramen enz. elders te huren.
De Directeur, * Kernboodschap: De brief is een formele aanmaning voor de betaling van achterstallig standplaats- en kramengeld.
* Sanctie: De directeur dreigt met het intrekken van de exploitatievergunning van de heer Abram. Dit zou betekenen dat zijn kramen niet meer op Amsterdamse markten mogen staan, wat directe gevolgen heeft voor zijn bedrijfsvoering en zijn huurders.
* Afhandeling: Uit de handgeschreven aantekening "betaald fl. 4.- 21/7 '39" blijkt dat de heer Abram op de valreep (de uiterste dag van de gestelde termijn) het bedrag van 4 gulden heeft voldaan.
* Taalgebruik: Het document hanteert de officiële ambtelijke spelling en stijl van voor de Tweede Wereldoorlog (bijv. "bylage", "uiterlyk", "zyn"). * Locatie: Het adres "Joden Houttuinen" verwijst naar een straat in de voormalige Joodse buurt van Amsterdam, nabij het huidige Waterlooplein. Deze buurt onderging na de oorlog grote infrastructurele wijzigingen.
* Instelling: Het genoemde adres "Jan van Galenstraat 14" was de locatie van de Centrale Markthallen, waar de administratie van het Amsterdamse Marktwezen zetelde.
* Tijdsbeeld: Juli 1939 is een beladen moment; het is slechts zes weken voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa. De brief geeft een inkijkje in de dagelijkse, bureaucratische realiteit van kleine Joodse ondernemers in Amsterdam vlak voor de bezetting. De heer S. Abram was waarschijnlijk een kramenverhuurder, een beroep waarbij men kramen in eigendom had en deze dagelijks tegen vergoeding opstelde voor marktkooplieden. S. Abram Marktwezen