Getypte ambtelijke nota of concept-verordening (pagina 6).
Origineel
Getypte ambtelijke nota of concept-verordening (pagina 6). -6-
Wellicht is het niet noodzakelijk om voor dit deel/ der bepalingen sancties ( in strafrechtelijken zin ) vast te stellen. Indien in de hiervoren aangeduide verordening tot regeling van het gebruik van de centrale slachtplaats de bepaling wordt opgenomen, dat de gebruikers dier inrichting gehouden zijn de voorschriften der Verordening ex art. 15, 3e lid, der Warenwet na te leven, dan is die naleving af te dwingen door middel van het boetestelsel en de verwijdering, een en ander toe te passen door het Hoofd van de centrale slachtplaats. Vóór 1922 was de eigenlijke vleeschkeuring ook ondergebracht in een verordening zonder sancties in den zin van het strafrecht. In ieder geval is de handhaving der voorschriften langs den aanbevolen weg voldoende verzekerd en daarin is het voordeel gelegen, dat de betrokken dienst de toepassing geheel in eigen hand houdt.
Het tweede gedeelte der Verordening dient voorschriften te bevatten voor wild en gevogelte buiten de centrale slachtplaats. Hiervoor dienen wel gewone sanctie-bepalingen in het leven te worden geroepen.
Verboden moet worden het vervoeren en voorhanden hebben ( kortweg " verkoopen " in den zin van art. 1, 3e lid, der bovengenoemde verordening ) van niet, ten blijke van deugdelijkbevinding gemerkte dieren. Voor het vervoer van elders geslachte dieren naar de centrale slachtplaats om aldaar onderzocht te worden, zullen wegen dienen te worden aangewezen.
Uit * Juridische grondslag: De tekst bespreekt de handhaving van slachthuisregels via de Warenwet (art. 15). Er wordt een onderscheid gemaakt tussen tuchtrechtelijke/administratieve sancties (boetes en ontzegging van toegang door de directeur) en strafrechtelijke sancties.
* Handhavingsfilosofie: De schrijver pleit voor interne handhaving door de eigen dienst ("geheel in eigen hand houdt") voor zaken die de centrale slachtplaats zelf betreffen, omdat dit effectiever zou zijn dan de weg van het strafrecht.
* Voedselveiligheid: Het document legt de nadruk op het "merken" van dieren als bewijs van "deugdelijkbevinding" (goedgekeurd voor consumptie). Ongekeurd vlees mag niet vervoerd of verkocht worden.
* Logistiek: Er is sprake van aangewezen transportroutes voor vlees dat elders geslacht is maar nog gekeurd moet worden op de centrale locatie. Dit document stamt uit een periode waarin de vleeskeuring in Nederland sterk gecentraliseerd werd bij gemeentelijke of regionale centrale slachtplaatsen om de volksgezondheid te waarborgen. De tekst reflecteert de juridische discussie over hoe men de naleving van hygiënevoorschriften het beste kon afdwingen in een tijd dat de Warenwetgeving nog in volle ontwikkeling was. De verwijzing naar de situatie vóór 1922 duidt op de historische context van de Vleeschkeuringswet van 1919, die in 1922 volledig van kracht werd en de controle op vlees landelijk uniforme regels gaf.