Archief 745
Inventaris 745-303
Pagina 62
Dossier 17
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte pagina, waarschijnlijk een onderdeel van een ambtelijk advies, rapport of conceptverordening.

Origineel

Getypte pagina, waarschijnlijk een onderdeel van een ambtelijk advies, rapport of conceptverordening. -2-

Wethouders voor slachteryen van wild en gevogelte vastgestelde eischen en
voorschriften.

Uitzondering zal moeten worden gemaakt voor de "huisslachtingen",
dat wil zeggen voor wild of gevogelte, dat bestemd is om te dienen voor
het huiselyk gebruik van de bewoners van het perceel of perceelsgedeelte,
waar de dieren geslacht worden, mits de bewoners niet werkzaam zyn in den
handel in wild of gevogelte.

Hierby moet in acht genomen worden het bepaalde in artikel 1,
3e lid, der bestaande verordening op de keuring van waren.

Centralisatie der slachtingen kan eveneens plaats vinden by
plaatselyke verordening met als motief "de openbare orde". Vanzelfsprekend
zou daarvoor een gemeentelyk gebouw dienen te worden bestemd.

Verboden zal moeten worden het slachten buiten de gedachte in-
richting. Voor huisslachtingen zal de reeds bovenaangeduide uitzondering
moeten worden gemaakt. Gelegenheid om ernstig zieke dieren buiten de cen-
trale slachtplaats te dooden (noodslachtingen) dient te blyven bestaan;
afslachting zal echter in de centrale slachtplaats moeten geschieden.

Mocht blyken, dat de Rechter van oordeel is, dat een slachtery
van wild en gevogelte onder de vigeerende Hinderwet valt (dit is twyfel-
achtig in verband met het door de Regeering ingediende Wetsontwerp tot wy-
ziging der Hinderwet, waarin bedoelde slachteryen, dienende tot uitoefe-
ning van het poeliersbedryf, uitdrukkelyk worden genoemd), dan zou alsnog
een verordening ex artikel 4, onder 3º der Hinderwet in het leven kunnen
worden geroepen.

De verordening ex artikel 168 Gemeentewet moet uit den aard der
zaak het karakter eener strafverordening dragen.

De wyze, waarop van de centrale slachtplaats kan worden gebruik
gemaakt moet eveneens by verordening worden geregeld. Onder "gebruik" valt
eveneens de gelegenheid om elders (buiten de Gemeente) geslachte dieren
ter keuring aan te bieden. Deze verordening behoeft niet in het kleed eener
strafverordening te worden gestoken, zy kan worden geschoeid op de leest
van de verordening regelende het gebruik van het abattoir, met andere
woorden naleving kan worden afgedwongen door opleggen van boete of niet- * Taalgebruik: Het document hanteert de spelling van vóór 1947 (bijv. "slachteryen", "huiselyk", "vigeerende", "eischen"). De stijl is formeel-juridisch en ambtelijk.
* Juridische Context: De tekst bespreekt hoe de gemeente de slacht van wild en gevogelte kan reguleren via plaatselijke verordeningen. Er worden verschillende wettelijke grondslagen genoemd:
* De Warenwet (verordening op de keuring van waren) voor de kwaliteitseisen.
* De Gemeentewet (artikel 168, destijds betreffende de bevoegdheid tot het maken van strafverordeningen) voor de handhaving.
* De Hinderwet, waarbij wordt opgemerkt dat er onduidelijkheid is of poeliersbedrijven hieronder vallen, mede door een aanhangig wetsontwerp.
* Beleidsinhoud: De kern van het voorstel is de centralisatie van de slacht in een gemeentelijk gebouw om toezicht en keuring te vergemakkelijken. Er worden twee belangrijke uitzonderingen benoemd:
1. Huisslachtingen: Slacht voor eigen gebruik door bewoners (geen handelaren).
2. Noodslachtingen: Het doden van ernstig zieke dieren mag buiten de centrale plaats, maar de verdere verwerking ("afslachting") moet daar wel plaatsvinden. Dit document stamt waarschijnlijk uit de eerste helft van de 20e eeuw (ca. 1920-1940). In deze periode vond in Nederland een professionalisering en centralisering van de vleeskeuring plaats. Gemeenten richtten vaak centrale abattoirs op om de hygiëne en volksgezondheid te waarborgen. Dit document laat de juridische worsteling zien om ook de slacht van wild en gevogelte (de poelierssector) onder deze gemeentelijke controle te brengen, terwijl men tegelijkertijd rekening hield met oude praktijken zoals de huisslacht en de noodzaak voor noodslachtingen op locatie.

Samenvatting

  • Taalgebruik: Het document hanteert de spelling van vóór 1947 (bijv. "slachteryen", "huiselyk", "vigeerende", "eischen"). De stijl is formeel-juridisch en ambtelijk.
  • Juridische Context: De tekst bespreekt hoe de gemeente de slacht van wild en gevogelte kan reguleren via plaatselijke verordeningen. Er worden verschillende wettelijke grondslagen genoemd:
    • De Warenwet (verordening op de keuring van waren) voor de kwaliteitseisen.
    • De Gemeentewet (artikel 168, destijds betreffende de bevoegdheid tot het maken van strafverordeningen) voor de handhaving.
    • De Hinderwet, waarbij wordt opgemerkt dat er onduidelijkheid is of poeliersbedrijven hieronder vallen, mede door een aanhangig wetsontwerp.
  • Beleidsinhoud: De kern van het voorstel is de centralisatie van de slacht in een gemeentelijk gebouw om toezicht en keuring te vergemakkelijken. Er worden twee belangrijke uitzonderingen benoemd:
    1. Huisslachtingen: Slacht voor eigen gebruik door bewoners (geen handelaren).
    2. Noodslachtingen: Het doden van ernstig zieke dieren mag buiten de centrale plaats, maar de verdere verwerking ("afslachting") moet daar wel plaatsvinden.

Historische Context

Dit document stamt waarschijnlijk uit de eerste helft van de 20e eeuw (ca. 1920-1940). In deze periode vond in Nederland een professionalisering en centralisering van de vleeskeuring plaats. Gemeenten richtten vaak centrale abattoirs op om de hygiëne en volksgezondheid te waarborgen. Dit document laat de juridische worsteling zien om ook de slacht van wild en gevogelte (de poelierssector) onder deze gemeentelijke controle te brengen, terwijl men tegelijkertijd rekening hield met oude praktijken zoals de huisslacht en de noodzaak voor noodslachtingen op locatie.

Kooplieden in dit dossier 42

A. Melhado Waterlooplein
A. Velleman Waterlooplein
B.Soester Waterlooplein
D.Nebbering Waterlooplein
Gebr.Jonk
Gebr.Verhoef
G. v. Gelder Waterlooplein
H. Couzyn Waterlooplein
H.G.Oudkerk
H.Stephanus Waterlooplein
N. de Roeverstr Waterlooplein
Jb.Reyndorp Waterlooplein
J.F.Toethuis
J. Rine Waterlooplein
J. Rol Waterlooplein
J. Schut Waterlooplein
J.W.Reese Waterlooplein
D. v. d. Molen Waterlooplein
M. Levie Waterlooplein
M.P.Krachtwyk
Alle 42 kooplieden →