Archief 745
Inventaris 745-303
Pagina 127
Dossier 92
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte rapportage of verslag (doorslag of origineel op schrijfmachine).

Origineel

Getypte rapportage of verslag (doorslag of origineel op schrijfmachine). commissie heeft hy omtrent de resultaten van die bespre-
king het volgende medegedeeld.

Aan een centralisatie van den groothandel annex cen-
trale slachtplaats enz. op de Centrale Markt zyn naar het
oordeel van het bestuur der poeliersvereeniging groote be-
zwaren verbonden. Het pluimvee moet op de markt levend ge-
borgen worden en moet driemaal daags worden gevoederd.
Het centraal slachten veroorzaakt, vooral voor de poeliers
die ver van de markt verwyderd wonen, behalve belangryk
tydverlies extra kosten aan personeel. Een ernstig bezwaar
leveren de plotseling, en op ongelegen tyden komende spoed-
orders op. Het is voor de betrokken poeliers ondoenlyk
zich voor de uitvoering daarvan naar de Centrale Markt
te begeven. Hoewel een deel der poeliers zyn artikelen
uitsluitend geslacht van buiten de stad betrekt, zyn de
bedryven van anderen nog op de uitvoering van dergelyke
spoedorders ingesteld. Deze kunnen dus een slachtplaats
aan "huis" moeilyk missen.

De kansen van een centrale groothandelsmarkt te Am-
sterdam worden door den handel niet hoog aangeslagen. De
pluimveemarkten te Purmerend en Barneveld, welke resp.
des Dinsdags en des Donderdags worden gehouden, trekken
allen aanvoer tot zich. Pogingen om elders groothandels-
markten te stichten zyn mislukt. Echter zou het voor de
poeliers van belang zyn, indien te Amsterdam een goede
pluimveemarkt bestond, en wel met het oog op besparing
van kosten en tyd.

Ongeacht alle genoemde bezwaren zouden de poeliers
wel aan centralisatie tot op zekere hoogte mede willen
werken, indien deze zou kunnen worden dienstbaar gemaakt
aan een verbetering van de organisatie van den kleinhandel
in geslacht pluimvee, door den straathandel te beperken,
die ongelyke concurrentieverhoudingen schept. Het aantal
straathandelaren wordt geschat op 300 tegenover ongeveer
80 gevestigde poeliersbedryven.

De ten aanzien van den straathandel te treffen maat-
regelen zouden moeten bestaan uit: verplichten aanvoer van
alle levend en geslacht pluimvee op een centrale plaats
te Amsterdam en verplichte keuring aldaar. Als verdere
maatregel werd nog voorgesteld een vergunningsstelsel,
waarbij alleen degenen, die te Amsterdam een goedgekeurde De tekst beschrijft een belangenconflict tussen de gemeente (die streeft naar centralisatie op de Centrale Markt) en de gevestigde poeliers. De poeliers voeren praktische bezwaren aan:
1. Logistiek: De zorg voor levend pluimvee (voederen) en het tijdverlies bij centraal slachten.
2. Flexibiliteit: Het onvermogen om snel te reageren op spoedorders als men afhankelijk is van een centrale locatie.
3. Concurrentie: De gevestigde poeliers (80 bedrijven) ervaren grote druk van een ongecontroleerde groep straathandelaren (300 personen).

De poeliers zijn bereid tot centralisatie, mits dit gepaard gaat met strikte regulering (keuring en vergunningen) om de straathandel in te dammen. Dit document maakt waarschijnlijk deel uit van de besluitvorming rondom de exploitatie van de Centrale Markthallen in Amsterdam-West (geopend in 1934). In deze periode probeerde de overheid de voedseldistributie te moderniseren en te centraliseren voor betere hygiënische controle. De poeliers probeerden deze transitie te gebruiken als hefboom om hun marktpositie te beschermen tegen de minder gereguleerde straathandel. De genoemde markten in Purmerend en Barneveld waren destijds de belangrijkste nationale knooppunten voor de pluimveehandel.

Samenvatting

De tekst beschrijft een belangenconflict tussen de gemeente (die streeft naar centralisatie op de Centrale Markt) en de gevestigde poeliers. De poeliers voeren praktische bezwaren aan:
1. Logistiek: De zorg voor levend pluimvee (voederen) en het tijdverlies bij centraal slachten.
2. Flexibiliteit: Het onvermogen om snel te reageren op spoedorders als men afhankelijk is van een centrale locatie.
3. Concurrentie: De gevestigde poeliers (80 bedrijven) ervaren grote druk van een ongecontroleerde groep straathandelaren (300 personen).

De poeliers zijn bereid tot centralisatie, mits dit gepaard gaat met strikte regulering (keuring en vergunningen) om de straathandel in te dammen.

Historische Context

Dit document maakt waarschijnlijk deel uit van de besluitvorming rondom de exploitatie van de Centrale Markthallen in Amsterdam-West (geopend in 1934). In deze periode probeerde de overheid de voedseldistributie te moderniseren en te centraliseren voor betere hygiënische controle. De poeliers probeerden deze transitie te gebruiken als hefboom om hun marktpositie te beschermen tegen de minder gereguleerde straathandel. De genoemde markten in Purmerend en Barneveld waren destijds de belangrijkste nationale knooppunten voor de pluimveehandel.

Kooplieden in dit dossier 42

A. Melhado Waterlooplein
A. Velleman Waterlooplein
B.Soester Waterlooplein
D.Nebbering Waterlooplein
Gebr.Jonk
Gebr.Verhoef
G. v. Gelder Waterlooplein
H. Couzyn Waterlooplein
H.G.Oudkerk
H.Stephanus Waterlooplein
N. de Roeverstr Waterlooplein
Jb.Reyndorp Waterlooplein
J.F.Toethuis
J. Rine Waterlooplein
J. Rol Waterlooplein
J. Schut Waterlooplein
J.W.Reese Waterlooplein
D. v. d. Molen Waterlooplein
M. Levie Waterlooplein
M.P.Krachtwyk
Alle 42 kooplieden →