Getypte pagina uit een ambtelijk verslag of adviesnota.
Origineel
Getypte pagina uit een ambtelijk verslag of adviesnota. Na 1919 (verwijzing naar Warenwet 1919), waarschijnlijk jaren '20 of '30 van de 20e eeuw. -3-
doordien tevens de pluimveeslachterij ingevolge artikel 4 sub 3e
der Hinderwet zal worden gecentraliseerd (zie boven).
Ad III. Indien het vorenstaande door het Gemeentebe-
stuur en door de Kroon aanvaardbaar wordt geacht, zal het noodig
zijn, in aansluiting daarop, nadere voorschriften te stellen,
/ hebben betreffende den invoer en het voorhanden/van ongeslacht pluimvee
in een verordening ex artikel 168 der Gemeentewet. Hiertoe kan
wellicht de Algemeene Politie Verordening worden aangevuld.
Het staat naar de meening van de sub-commissie geens-
zins vast, dat een geheel van regelen zooals hierboven in het kort
werd aangeduid, rechtsgeldigheid kan verkrijgen. Met name is niet
bekend, of de Kroon aan den Gemeenteraad toestemming zal ver-
leenen zooals ad II werd besproken; in dit verband wordt herinnerd
aan het ontwerp Wijziging Vleeschkeuringswet, dat eventueel deze
geheele materie aan de Warenwet zal onttrekken.
Teneinde veel, misschien overbodigen arbeid te voor-
komen, geeft de sub-commissie in overweging, dat de Commissie aan
het Gemeentebestuur zal adviseeren om zich met een gemotiveerd
verzoek tot de Kroon te wenden, teneinde te vernemen of deze
bereid zal zijn om een toestemming als bovenbedoeld ex artikel 15
lid 3 der Warenwet 1919 (S. 581) aan den Gemeenteraad van Amsterdam
te verleenen. Hierbij wordt uitgegaan van de vooronderstelling,
dat de Gemeenteraad zich met het principe van centrale slachterij
en centrale keuring kan vereenigen. Indien ook de Kroon te kennen
zou geven, dat bij Haar speciaal tegen den naderen eisch van het
keuringsmerk geen bezwaar zou bestaan, ware der Commissie op te
dragen haar voorstellen nader uit te werken. Dit document betreft een ambtelijk advies van een "sub-commissie" over de centralisatie van pluimveeslachting in Amsterdam. De kernpunten zijn:
- Wettelijke basis: De centralisatie wordt gekoppeld aan de Hinderwet. Er wordt voorgesteld om via de Gemeentewet (art. 168) en de Algemene Politie Verordening (APV) regels te stellen voor het bezit en de import van ongeslacht gevogelte.
- Juridische onzekerheid: De sub-commissie twijfelt of deze lokale regels wel rechtsgeldig zijn zonder expliciete goedkeuring van "de Kroon" (de landelijke overheid). Er is ook onduidelijkheid over de verhouding tussen de Vleeschkeuringswet en de Warenwet.
- Procedureel voorstel: Om verspilling van tijd te voorkomen, adviseert de sub-commissie om eerst formeel aan de Kroon te vragen of zij akkoord gaat met een specifieke ontheffing/toestemming op basis van de Warenwet 1919. Pas bij een positief antwoord moeten de plannen verder worden uitgewerkt.
- Marge-notitie: De toevoeging "/ hebben" in de kantlijn is een correctie op de tekst "voorhanden van", waardoor het "voorhanden hebben van" wordt. In de vroege 20e eeuw vond in Nederland een professionalisering en centralisering van voedselkeuring en hygiëne plaats. Voorheen werd veel vee en gevogelte decentraal en ongecontroleerd geslacht. Grote steden zoals Amsterdam streefden naar centrale slachthuizen om de volksgezondheid beter te kunnen waarborgen. Dit document illustreert de complexe juridische strijd tussen gemeentelijke autonomie (het recht om eigen verordeningen te maken) en de opkomende nationale wetgeving (zoals de Warenwet van 1919) die dergelijke zaken trachtte te uniformeren. De term "de Kroon" verwijst naar de centrale regering, wiens goedkeuring vaak nodig was voor ingrijpende lokale verordeningen.