Gedrukte pagina uit een officieel (jaar)verslag.
Origineel
Gedrukte pagina uit een officieel (jaar)verslag. Niet expliciet vermeld op deze pagina, maar verwijst naar een "verslagjaar" met statistieken per 1 januari en 31 december. Gezien de context en de persoon van de directeur waarschijnlijk midden 20e eeuw (ca. 1930-1950). Van deze vergunningen waren aan het einde van het jaar 69 voor een gedeelte van het jaar verleend.
Voor het uitstallen van kerstboomen en hulst werden 192 (v.j. 212) tijdelijke vergunningen uitgereikt.
De opbrengst der standplaatsgelden bedroeg f 13.928,92 (v.j. f 13.037,70).
V. Ventverordening.
Op 1 Januari waren door Burgemeester en Wethouders verleend: 4556 vent- en opkoopersvergunningen; op 31 December bedroeg dit aantal: 3600.
De opbrengst der ventgelden bedroeg f 26.164 (v.j. f 28.225,50).
De aantallen ventvergunningen der diverse groepen van artikelen bij het begin en aan het einde van het verslagjaar waren: groenten, fruit en aardappelen 1012—702, bloemen en planten 785—644, brandstoffen (w.o. petroleum) 243—204, geringe eetwaren en consumptie-ijs 435—347, visch en zuurwaren 846—720, boter, kaas en eieren 186—139, diversen en manufacturen 427—362.
De aantallen opkoopersvergunningen bij het begin en aan het einde van het verslagjaar bedroegen resp. 622 en 482.
VI. Eierveiling (Nieuwmarkt).
In verband met het sloopen van het gebouw aan de Nieuwmarkt, waar deze veiling was gevestigd, is zij met ingang van 1 November verplaatst naar een gebouw, dat niet door den dienst is verhuurd. De relatie tusschen den dienst en deze veiling is daardoor vervallen.
Tot den datum der verplaatsing bedroeg de omzet aan eieren, pluimvee en wild: f 343.367,72.
De Directeur van het Marktwezen,
Dr. A. VAN DER LAAN.
10
[Rechterpagina:]
BIJLAGEN * Onderwerp: Het document rapporteert over de uitvoering van marktgerelateerde verordeningen en de status van specifieke marktactiviteiten.
* Ventverordening (Sectie V): Er is een significante daling te zien in het aantal verleende ventvergunningen gedurende het jaar (van 4556 naar 3600). Dit vertaalt zich ook in een lagere opbrengst aan ventgelden vergeleken met het voorgaande jaar (v.j.). De uitsplitsing naar productgroepen geeft een interessant beeld van de straathandel in die tijd, waarbij 'groenten, fruit en aardappelen' en 'visch en zuurwaren' de grootste groepen vormen.
* Eierveiling (Sectie VI): De tekst meldt een belangrijke organisatorische wijziging: door de sloop van een gebouw aan de Nieuwmarkt is de eierveiling verhuisd. Hierdoor is de administratieve en financiële band tussen de gemeentelijke Dienst van het Marktwezen en de veiling verbroken ("relatie ... is daardoor vervallen").
* Terminologie: Het gebruik van de "f" (florijn/gulden) als valuta-eenheid en de spelling ("visch", "kerstboomen", "opkoopers") is kenmerkend voor de vroege tot midden 20e eeuw in Nederland. Dit verslag is afkomstig van de Amsterdamse Dienst van het Marktwezen. De Nieuwmarkt was historisch gezien een centraal punt voor diverse markten, waaronder de eierveiling. Dr. A. van der Laan was een bekende directeur van deze dienst. De daling in het aantal ventvergunningen zou kunnen wijzen op economische malaise (zoals de crisisjaren '30) of op een bewuste politiek van de gemeente om ambulante handel te reguleren of te beperken ten gunste van vaste winkels. De sloop van gebouwen aan de Nieuwmarkt past in de bredere stedelijke vernieuwing van de stad in die periode.