Archiefdocument
Origineel
29 Augustus 1940. De Directeur (onbekende instantie, initialen vP/HG). [Handgeschreven:] ter k. de koer.
[Handgeschreven:] extra
[Getypt:]
vP/HG.
de Nederlandsche Groenten- en Fruit-
centrale,
Laan Copes van Cattenburch 62,
's-Gravenhage.
2B/97/5 M. 2 29 Augustus 1940.
In bijlage dezes heb ik de eer U een aanvraagformulier
te doen toekomen, dat is ingediend door A.Zwaan, Fahrenheitstraat
82 hs alhier. Zwaan, die om erkenning als kleinhandelaar in gewas-
sen van den tuinbouw verzoekt, heeft, blijkens het hierbij in
afschrift overgelegde rapport van den contrôleur Felthuis van mijn
dienst d.d. 28 dezer, niet aannemelijk kunnen maken, dat hij ooit
in den kleinhandel in gewassen van den tuinbouw is werkzaam ge-
weest. Hij komt daarom naar mijn meening niet voor een erkenning -
ook niet voor een tijdelijke erkenning - in aanmerking.
De Directeur, Deze brief betreft een negatief advies over een aanvraag voor een erkenning als kleinhandelaar in tuinbouwgewassen. Een zekere A. Zwaan uit Den Haag heeft deze aanvraag ingediend, maar een controleur (Felthuis) heeft vastgesteld dat de aanvrager geen ervaring heeft in de branche. Op basis hiervan adviseert de directeur van de betreffende dienst aan de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale om de aanvraag volledig af te wijzen, inclusief een eventuele tijdelijke erkenning. Het document is een typisch voorbeeld van de strengere regulering en bureaucratisering van de handel tijdens de bezettingsjaren. De brief is gedateerd op 29 augustus 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGFC) speelde in deze periode een cruciale rol in de distributie en prijsbeheersing van voedsel. Onder invloed van de bezetter werd de handel in land- en tuinbouwproducten strak georganiseerd in 'hoofdproductschappen' en 'bedrijfschappen'. Erkenningen waren essentieel om legaal handel te mogen drijven; zonder dergelijke papieren was men uitgesloten van de reguliere markt en distributiekanalen. Dit document illustreert hoe nauwgezet de achtergrond van aanvragers werd gecontroleerd om de markttoegang te beperken. A. Zwaan