Intern memorandum / ambtelijke notitie.
Origineel
Intern memorandum / ambtelijke notitie. af/Administratie
Gem. Assurantiefonds
1.
3/12/1957
(Ind)
In het C.M. worden o.m. volgende bedrijven uitgeoefend:
Pindabranderij
Bananenrijperij
kunnen geacht worden tot normaal gebruik van de kel. [kelder] te behoren.
Sigarenfabricage door 2/7 kleinfabrikanten.
Tot dit bedrijf behoren o.m. 2 kamers droogkamers welke met gas gestookt, op temperaturen van resp. 30° en 45° C gehouden worden.
Verder wordt door Defensie, Burgerwacht en Politie van de kel. gebruik gemaakt voor instructie en opslag en administratie.
De opgeslagen goederen bestaan uit:
- Zoeklichtinstallatie;
- transportmaterialen;
- uiteenlopende hulpstukken;
- scherpe geweerpatronen, mitrailleur-patronen en R.T.O. patronen;
- geweren, karabijnen & pistolen;
Door de Universiteits bibliotheek zijn 3 kamers in gebruik voor opslag van boeken & tijdschriften.
Vermoedelijk zullen door Bevolkingsregister & Burgerlijke Stand kamers in gebruik worden genomen voor opslag van kaarten & andere administratieve bescheiden.
Enkele der bovenbedoelde zaken zullen misschien van invloed zijn op de brandverzekeringspremie.
Daarom mededeling — ingevolge telefonisch overleg met bureau assurantiefonds — aan Administrateuren van dit fonds. Het document is een verslag van een inspectie of inventarisatie van het gebruik van een groot complex, aangeduid als "C.M." (mogelijk Centraal Magazijn of een vergelijkbare instelling). De tekst is opgesteld om het Gemeentelijk Assurantiefonds te informeren over potentiële brandrisico's.
De opsteller maakt een onderscheid tussen:
1. Normaal gebruik: De pindabranderij en bananenrijperij worden als standaard voor dit type gebouw beschouwd.
2. Verhoogd risico: De sigarenfabricage met gasgestookte droogkamers (30-45 graden Celsius) vormt een specifiek brandgevaar.
3. Gevaarlijke stoffen: De aanwezigheid van munitie ("scherpe geweerpatronen") en wapens door Defensie en Politie is een kritiek punt voor de verzekering.
4. Hoge vuurbelasting: De opslag van grote hoeveelheden papier door de Universiteitsbibliotheek en het Bevolkingsregister zorgt voor een hoge concentratie brandbaar materiaal.
De conclusie van de schrijver is dat deze factoren de "brandverzekeringspremie" kunnen beïnvloeden, wat de reden is voor de schriftelijke vastlegging na telefonisch overleg. Dit document stamt uit 1957, de periode van de wederopbouw in Nederland. Het typeert de bureaucratische zorgvuldigheid van die tijd. Opvallend is de multifunctionele inzet van gebouwen: commerciële voedselverwerking (pinda's, bananen), lichte industrie (sigaren), militaire opslag en archieven bevinden zich onder één dak.
De vermelding van de "Burgerwacht" (mogelijk de Bescherming Bevolking of een restant van een lokaal vrijwilligerskorps) en de opslag van munitie wijst op de Koude Oorlog-context, waarbij overheidsgebouwen vaak ook een logistieke of militaire reservefunctie hadden. De noodzaak om dit expliciet aan het Assurantiefonds te melden, duidt op een strenger wordende regulering rondom brandveiligheid en risicobeheersing in de jaren '50.