Financieel overzicht/bijlage bij een ambtelijke brief.
Origineel
Financieel overzicht/bijlage bij een ambtelijke brief. Directeur van het Marktwezen. De Wethouder voor de Levensmiddelen. Behoort bij brief No.10/4/5 M. d.d. 9 April 1940 aan den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen van den Directeur van het Marktwezen.
______________
Opgave van de financiëele gevolgen, die het Marktwezen (inclusief het be-
drijf van de Centrale Markt en het bedrijf van de Vischmarkt) van den oor-
logstoestand ondervindt over de maand Februari 1940.
A. Nadeelige gevolgen.
Salarissen van personeel, dat ter vervanging van gemobiliseerden
moest worden aangesteld $f$ 39,24
Huurderving ontstaan door het als gevolg van de mobilisatie ont-
binden van huurovereenkomsten " 395,84
Mindere opbrengst van belastingheffingen " 466,10
Hoogere uitgaven door prijsstijging P.M.
$f$ 901,18
B. Voordeelige financiëele gevolgen .
Aan gegradueerde gemobiliseerden minder uitgekeerd dan het norma-
le salaris of loon $f$ 421,53
Vergoedingen voor het in gebruik geven van kantoor- en pakhuis-
ruimten voor militaire doeleinden " 97,16
$f$ 518,69 * Inhoud: Het document is een kwantitatieve onderbouwing van de economische impact van de mobilisatie op een gemeentelijke dienst (het Marktwezen, waaronder de Centrale Markt en de Vismarkt vallen). Er wordt een balans opgemaakt tussen extra kosten/verliezen en onvoorziene besparingen/inkomsten.
* Financiële balans: De nadelige gevolgen (ƒ 901,18) zijn aanzienlijk groter dan de voordelige gevolgen (ƒ 518,69). De grootste schadeposten zijn de daling in belastinginkomsten en het verlies aan huurinkomsten door vertrekkende huurders (waarschijnlijk handelaren die onder de wapenen moesten).
* Terminologie: De term "P.M." (Pro Memoria) bij de prijsstijgingen geeft aan dat deze kostenpost wel wordt erkend, maar op dat moment nog niet exact becijferd kon worden.
* Vormgeving: Het betreft een getypt document op officieel papier, waarbij handmatig lijnen zijn getrokken voor de optellingen. De bedragen zijn genoteerd in guldens ($f$). * Historisch kader: De datum 9 april 1940 is cruciaal; dit is precies één maand voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Nederland was op dit moment nog neutraal, maar de samenleving was door de mobilisatie (sinds augustus 1939) al ontregeld.
* Mobilisatie-impact: Het document illustreert hoe de mobilisatie diep ingreep in de lokale economie. Personeel werd opgeroepen voor het leger, wat leidde tot vervangingskosten maar ook tot een besparing op loonkosten (omdat de overheid minder uitkeerde aan de gemobiliseerde werknemers dan hun normale loon).
* Militair gebruik: De post onder 'B' betreffende vergoedingen voor kantoor- en pakhuisruimten laat zien dat het leger reeds beslag had gelegd op civiele infrastructuur voor de landsverdediging.
* Locatie: Hoewel de stad niet expliciet wordt genoemd, duiden de termen "Centrale Markt" en "Vischmarkt" in combinatie met deze bestuurlijke structuur (Wethouder voor de Levensmiddelen) zeer waarschijnlijk op Amsterdam.